Pagina's

31 december 2009

Karin Fossum - Kwade wil



Molly legde Melis weer op zijn plaats aan het voeteneinde.
'Niet alle vrienden zijn goed', zei ze. 'Sommigen heb je alleen vanuit een oude gewoonte. Of omdat ze je kunnen gebruiken.'
Ruth zat zwijgend te luisteren.
'Ze hebben baat bij je', ging Molly verder. 'Of ze hebben je om andere redenen nodig. Maar van buitenaf gezien lijkt het op vriendschap.'


****


Fossums aandacht dwaalde even af naar andere oorden, maar sinds vorig jaar is ze terug waar ze hoort te zijn: bij inspecteur Konrad Sejer. Kwade wil is het tweede Sejer-boek na de onderbreking. De inspecteur mag uitzoeken onder welke omstandigheden Jon Moreno is omgekomen in het koude water van een bosmeer. Dat is voor de lezer na zes bladzijden al duidelijk: 'Hij stond op van het bankje, langzaam als een slaapwandelaar. Toen viel hij over de rand.' De twee anderen in het bootje, zijn vrienden Axel en Philip, blijven achter. Ze besluiten te doen alsof er niets gebeurd is, met een vroeger trauma in het achterhoofd. Het is de onthulling van die gebeurtenis van lang geleden die Sejer naar de waarheid leidt.

Fossum bewijst met Kwade wil nog maar eens haar status als koningin van de psychosuspense. De spanning is nooit lijfelijk aanwezig, maar gaat wel tot op het bot. De misdaden hoeven niet eens brute moorden te zijn. Fossum kan het zich zelfs permitteren haar Sejer weg te cijferen in een tweederangsrol. Veel belangrijker zijn de rake typering van de personages en het langzame opbouwen van een onderhuidse spanning. Klasse.


Kwade wil van Karin Fossum - oorspronkelijke titel Den onde viljen - verscheen bij Manteau en Anthos in het najaar van 2009, vertaald uit het Noors door Annemarie Smit.
200 pagina's, isbn 9789022323885

28 december 2009

2009 in vogelvlucht

Ik begin het jaar 2010 met een dik boek. Dat moet zo in de kerstdagen, vind ik. In je zetel naast de kerstboom, onder de gloednieuwe Kyoto-ledlichtjes, met een dekentje over de uitgestrekte benen, is je baas niet meer dan een verre schim, die je op dat moment zelfs alle goeds toewenst. Bij al die kerstromantiek hoort ook een dik boek, waarin je je urenlang kan verliezen. Ik deed dat in 2009 ook, en het leverde de eerste topper van het jaar op: De Welwillenden van Jonathan Littell. Een hels boek, concludeerde ik toen.

Nog geen maand later was het eerste vijfsterrenboek een feit. Voor mij blijft Jo Nesbø de beste Scandinavische thrillerschrijver, omdat hij het hele spectrum beheerst van psychologische spanning tot loeiharde actie. De sneeuwman vormt daar met al zijn plotwendingen geen uitzondering op. Vlak daarna volgde nog een topper: De eenzaamheid van de priemgetallen van de jonge Italiaan Paolo Giordano. Terecht de jongste winnaar ooit van de belangrijkste Italiaanse literatuurprijs.

Op een lauwe maand februari, vooral gevuld met een indigestie wegens de gebroeders Karamazov, volgde een veel vruchtbaarder maand maart. Ik amuseerde me met Stiletto Libretto, waarvoor Bavo Dhooge later in het jaar de Diamanten Kogel zou ontvangen. Doe daar nog Vargas' De eeuwige jacht bovenop, en de maand kan niet meer stuk.

Toch deed de maand april het nóg beter, met twee vijfsterrenboeken op rij. Wellicht het beste boek van 2009 is De paleisraad van Stephen L. Carter, een topper onder de politieke thrillers, die werd gevolgd door Gerechtigheid van Stieg Larsson, het derde deel van de Millennium-trilogie en op zijn eentje de hype waard.

Mei bracht een nieuwe Dahl (Bijbelse wateren), een nieuwe Pat Barker (Modelklas) en een nieuwe Camilleri (De vleugels van de sfinx), van wie de boeken hier onderhand deel uitmaken van het meubilair. Maar de grootste verrassing van de maand was Empire Falls van Richard Russo, al vijf jaar oud, maar ten onrechte zo lang blijven liggen.

Juni bracht niet veel nieuws, behalve misschien een zeer aangenaam boek over een rat genaamd Firmin. In juli was ik op reis, wat steevast ook goeie titels oplevert. Dan denk ik vooral aan Godenslaap van Erwin Mortier. De man lijkt soms een pathetische aandachtzoeker en relschopper, maar zijn boek mag er zeker zijn. Nog in juli: het beste non-fictieboek dat ik dit jaar las, Perzisch vuur van Tom Holland; en eigenlijk ook non-fictie, maar iets helemaal anders: het hilarische Het nieuws in drie regels van Félix Fénéon.

Over augustus valt niet veel te vertellen, dus meteen over naar september, waarin Paul Harris in De geheimhouder een vergeten Afrikaans conflict iets dichterbij brengt. Oktober was niet veel soeps, maar november leverde Gezusters Materassi op, waarin twee oudere zussen afwisselend tongzoenen met en beven voor hun ondeugende neef.

December, tot slot, verraste met een uitstekend Vlaams debuut, De minzame moordenaar van Bram Dehouck, en bevestigde Karin Fossum als queen of psychosuspense met Kwade wil.

Tot zover het jaar 2009. Ik ga nu verder met mijn dik boek, dat misschien wel volgend jaar het lijstje haalt. Noteer alvast in uw agenda: De Toren van Uwe Tellkamp, het boek dat 2010 inluidde.

27 december 2009

Bram Dehouck - De minzame moordenaar



Waarom vochten ze uiteindelijk? Had een totale zinsverbijstering de wereld plots in haar macht? De Eerste Wereldoorlog is de moeder van alle oorlogen omdat ze uit het niets is ontstaan en de grootste slachting voortbracht die men tot dan gekend heeft. Er is niets zo gruwelijk als een zinloze dood. Als je er eenmaal dieper over nadenkt, laat het je niet meer los. Dan moet je bewijzen zien, en dan moet je bepaalde plaatsen bezoeken, zoals hier in Ieper.

****

De minzame moordenaar is het fictiedebuut van Ieperling Bram Dehouck, en het is meteen een schot in de roos. De stad Ieper, waar nog altijd elke avond de doden van de Eerste Wereldoorlog worden herdacht, wordt geteisterd door een seriemoordenaar. Binnen het team van de gerechtelijke politie dat de moorden moet ophelderen weet alleen rechercheur Rondelez wie de dader is: hijzelf. Hij is begonnen met moorden, en kan niet meer stoppen.

Dehouck verlaat in De minzame moordenaar de platgetreden paden van de klassieke thriller. Wie de moordenaar is, is vrijwel meteen duidelijk. Maar waarom doet hij dat? En hoe zal daar een einde aan komen? Ook rond die vragen kan je een spannende roman opbouwen, zo blijkt, en Dehouck doet dat met verve. De beweegredenen van de moordenaar, slechts een mens als u en ik, worden steeds duidelijker. En net als je denkt het plaatje volledig te hebben, volgt nog een laatste tragisch voorval.

De minzame moordenaar is een psychologisch goed onderbouwde thriller, een apart en overtuigend debuut met in de achtergrond de Ieperse soldatenkerkhoven en oorlogstoeristen.

Lees ook het interview met Dehouck op deze blog.

De minzame moordenaar van Bram Dehouck verscheen bij Van Halewyck in juni 2009.
175 pagina's, isbn 9789056179274

Bram Dehouck - interview

Een ontspoord gevoel van gerechtigheid

Bram Dehouck publiceerde in het voorjaar van 2009 zijn eerste thriller, De minzame moordenaar. Twee dingen vallen op: het oorlogsverleden van de stad Ieper, en de breuk met de klassieke whodunnit. Wie de moordenaar is, is immers al heel snel duidelijk. Maar waarom moordt hij? En houdt hij er ooit mee op?

Fictie en non-fictie

Dehouck werkt in de sociale sector als communicatieverantwoordelijke. "Ik maak folders, brochures, mailings, en zo. Daarnaast lees ik veel, vooral spannende, buitenlandse boeken. Tot slot teken en schilder ik, al is dat de laatste tijd wat verminderd door het schrijven."

Dehouck schreef eerder een non-fictieboek, Het meisje dat vergeet. "Mijn eerste boek is er gekomen door een oproep van Uitgeverij Van Halewyck en Radio 1. Veel mensen zeggen wel eens: "Goh, mijn leven, daar kan ik een boek over schrijven!". Het idee van de oproep was om die uitspraak te laten uitkomen. De luisteraars van Radio 1 konden hun levensverhaal insturen, en de uitgeverij selecteerde enkele verhalen die tot een boek zouden worden uitgewerkt. Ik stuurde drie zinnetjes in over mijn zus, die na een ongeval haar kortetermijngeheugen verloor. Ik werd niet geselecteerd voor de wedstrijd, maar de redactie van de uitgeverij vond mijn drie zinnetjes zo sterk dat ze me uitnodigden voor een gesprek. Uiteindelijk schreef ik toch een boekje, en het is ook het enige boek geworden dat uit die oproep is voortgekomen."

De stap naar fictie was daarna snel gezet. "Voor mij was het niet zo'n grote stap, omdat ik mijn non-fictieboek ook heb gestructureerd als een roman. Mijn eerste boek is een "waargebeurd verhaal", het enige verschil met fictie is dat alles echt gebeurd is. Als ik een non-fictiewerk lees over politiek of geschiedenis, heb ik ook graag dat het boeiend geschreven is en romantechnieken gebruikt."

Roman en thriller

Op de cover van De minzame moordenaar prijkt het etiket 'literaire thriller'. "Misdaadroman was wellicht beter geweest. Omdat het meer een roman is, en over misdaad gaat. De term literaire thriller is zwaar beladen, omdat die vaak misbruikt wordt door uitgevers. Ik merk dat het nu zelfs als negatief aanzien wordt: sommige thrillerfans schuwen boeken waarop 'literaire thriller' staat. Dat is nochtans niet nodig: er zijn gewoonweg thrillers die nauwelijks literaire kwaliteiten hebben, en er zijn spannende romans die voor mijn part best wel het etiket 'literaire thriller' mogen krijgen. Het zou goed zijn mochten uitgevers enkel nog de term literair kleven op spannende boeken die echt literair zijn. Maar waarschijnlijk is de beste keuze om gewoonweg geen etiketten meer te kleven."

De minzame moordenaar lokte gemengde reacties uit: sommige recensenten vinden het boek niet spannend genoeg, anderen loven Dehouck voor zijn breuk met het klassieke misdaadverhaal. "Ik lees zelf graag thrillers, maar ik was op een bepaald moment een beetje uitgekeken op de stereotype seriemoordenaar in veel thrillers. Die moordenaar is vaak een gevoelloze bruut die enorm veel plezier beleeft aan het moorden. Ik wilde eens een ander type portretteren, een moordenaar die niet gedreven wordt door bloeddorstige lusten of perverse hersenkronkels, maar die moordt vanuit een ontspoord gevoel van gerechtigheid. Iemand die niet graag moordt, die moorden verafschuwt, maar die het niet kan laten."

"Daarnaast heb ik lang getwijfeld of ik een klassieke structuur zou volgen, want met mijn concept was dat zeker gelukt: mijn moordenaar pleegt zijn daden op een uitgekiende manier en de plot is simpel, wat goed is voor de geloofwaardigheid. In een strakke, klassieke structuur kon dat wel werken. Maar ik had geen zin om het op die manier te doen. Het hele onderzoek naar de moorden interesseerde me niet. Wat me meer interesseerde, was wat de moordenaar drijft. Daarom schreef ik het vanuit zijn standpunt. Hij vertelt wat hij doet, en als hij daarmee de helft van de plot al prijsgeeft, dan is dat maar zo. Het gaat in mijn boek niet om een gestoorde gek die moordt voor de kick, waardoor ik zijn motivatie belangrijker vind dan het spelletje rond het vinden van de moordenaar."

"Ik zit een beetje tussen twee stoelen: tussen de roman en de thriller. Mensen die echt voor de spanning gaan, kunnen het boek daarom te soft vinden. Mensen die de literatuur gewoon zijn, vinden het misschien te brutaal. Maar het is wel het soort boekje dat ik zelf wil lezen. En ik krijg zeer positieve reacties van lezers."

Romantiek en waanzin

Het verhaal speelt zich af in Ieper, de hoofdstad van het WO I-toerisme. "De Eerste Wereldoorlog leeft nog bij de Ieperlingen in die zin dat je er niet omheen kan kijken. Veel Britse soldaten zijn namelijk begraven op de plaats waar ze gestorven zijn. Dat zorgt letterlijk voor surrealistische landschappen. Hier vind je bijvoorbeeld kerkhoven middenin een maïsveld, een bos of de stad. Ik rijd elke dag voorbij een kerkhof dat honderd meter diep tussen de omgewoelde aardekluiten ligt, en ernaartoe leidt een loodrecht paadje van één meter breed in perfect gemaaid gazon. Dan krijg je echt kippenvel, als je zoiets ziet. Maar de meeste inwoners zien het niet meer, ze zijn eraan gewend geraakt."

"Mij persoonlijk zal het altijd iets blijven doen: de Last Post (de dagelijkse herdenking onder de Ieperse Menenpoort, red.) of een Brits kerkhof bezoeken. Daar hangt zo'n soort romantiek over, daar ben je gevoelig aan of niet. Ik wist wel meteen dat het de perfecte achtergrond was voor mijn verhaal: enerzijds het waanzinnige van het doden, anderzijds de romantiek, het vereren van de dode. Je moet het de Angelsaksische wereld nageven: ze zijn meesters in het vereren van hun gevallen soldaten. En dat geeft een dubbel gevoel, dat je als lezer ook hebt bij het hoofdpersonage van het boek."

Plannen en wensen

Plannen voor de toekomst heeft Dehouck ook. "Ik ben aan een nieuw verhaal bezig. Opnieuw een spannend verhaal, en in bepaalde aspecten spannender dan De minzame moordenaar. Maar er komt geen rechercheur aan te pas, hooguit een plaatselijke politieman die op het verkeerde moment op de verkeerde plaats verschijnt."

Tot slot een eindejaarswens voor de lezers: "Als fervente lezer weet ik vaak al wat mijn kerstcadeautje wordt. Ook nu, als ik naar de kerstboom kijk, zie ik er een dik pak onder liggen. En de afmetingen doen me al iets vermoeden. Ik wens iedereen datzelfde gevoel toe: te weten dat er onder de kerstboom nog uren leesplezier liggen te wachten."

Zie ook de recensie van De minzame moordenaar op deze blog.

De minzame moordenaar van Bram Dehouck verscheen in juni 2009 bij uitgeverij Van Halewyck.
175 pagina's, isbn 9789056179274

20 december 2009

Nicolai Lilin - Siberische opvoeding




Wat? Eerlijke criminelen in Transnistrië.

Wie? Nicolai Lilin was een Siberische crimineel en Russische soldaat voor hij naar Italië uitweek.

Genre: autobiografische roman

Sterren: ***


Ik weet ook niet hoe bont ik het heb gemaakt als joch. Maar het is logisch, ik ben opgegroeid in een beruchte wijk, op de plek waar in de jaren dertig de uit Siberië verbannen criminelen zich hebben gevestigd. Mijn leven was daar, in Bender, bij de criminelen, en onze zeer criminele buurt was één grote familie.


Recensie: Nicolai Lilin was Siberiër voor hij Italiaan werd. Hij was er lid van een kruising tussen een volksstam en een criminele bende: de Urca's. Daarover schrijft Lilin in zijn debuut, Siberische opvoeding. Het is een autobiografisch werk over zijn jeugd, dat zelden over de criminele activiteiten op zich gaat. Lilin vermeldt ze letterlijk tussen haakjes: 'de hele zomer werd besteed aan het plunderen van appelboomgaarden en levensmiddelenzaken op Moldavisch grondgebied'. Het gaat integendeel over het eergevoel van de bendes: het gezag van de ouderen, de manier van communiceren, de eigen regels van rechtvaardigheid die worden gedicteerd aan de rest van de wereld. Wanneer bijvoorbeeld een mentaal gehandicapt meisje uit de buurt wordt verkracht door een bende uit een naburige wijk, moet dat tot elke prijs worden gewroken. Het bloed vloeit rijkelijk.

Siberische opvoeding houdt het midden tussen gruwelijke verwondingen en het gevoel dat al dat geweld ook gerechtvaardigd is. De Urca's houden zich aan hun eigen regels en zullen nooit een buitenstaander verwonden. Maar evengoed worden voortdurend kniebanden van andere boefjes doorgesneden. Het levert een zeer ambigu gevoel op dat varieert tussen afschuw en bewondering. Dit boek laat niemand koud, dat is zeker.

Links: home site - Lebowski - DePers.nl
Google Maps: Siberische opvoeding op de wereldkaart

Siberische opvoeding van Nicolai Lilin - oorspronkelijke titel Educazione Siberiana - verscheen bij Lebowski in het najaar van 2009, vertaald uit het Italiaans door Jan van der Haar.
351 pagina's, isbn 9789048802906

Roberto Saviano - Het tegenovergestelde van dood




Wat? Ten strijde, ten ondergang.

Wie? Roberto Saviano (1979), is onderzoeksjournalist in Napels. Hij leeft ondergedoken sinds de publicatie van zijn boek Gomorra.

Genre: novelle

Sterren: ***


Als ik lach, lach ik te veel en ben ik hem al vergeten, als mijn ogen vol tranen staan, mopperen ze dat ik op moet houden, want met huilen krijg ik hem niet terug, als ik onaangedaan ben, hebben ze meteen hun oordeel klaar: ze is gek geworden van verdriet. Dan zou ik me wel willen verstoppen onder die lichtblauwe tenten, onder die boerka's.


Recensie: Twee min of meer aangrijpende novelles over de wanhoop van het Italiaanse zuiden: de niet echt hoopgevende keuze tussen het leger en de maffia. Vooral bedoeld als opstapje naar nieuw werk van de nog steeds ondergedoken levende Roberto Saviano.

Meer van Roberto Saviano: Gomorra
Links: Wikipedia over de camorra en over Roberto Saviano - uitgeverij Lebowski

Het tegenovergestelde van dood van Roberto Saviano - oorspronkelijke titel Il contrarion della morte / L'anello - verscheen bij Lebowski in het najaar van 2009, vertaald uit het Italiaans door Karoline Sabbatino-Heybroek en Elke Parsa.
63 pagina's, isbn 9789048803019

Philip Kerr - Als de doden niet herrijzen




Wat? Berlijn op Cuba.

Wie? Philip Kerr (Edinburgh, 1956) werd beroemd met zijn Berlin Noir trilogie rond Bernie Gunther.

Genre: thriller

Sterren: ***


Dinah trok een gezicht. 'Wie wil er nou Duits leren? De Duitsers hebben negentig procent van de Joden in Europa vermoord. Niemand wil tegenwoordig nog Duits leren.' Ze keek me aan en haalde meesmuilend haar schouders op. 'Sorry, maar het is niet anders.'
'Dat is oké. Het spijt mij ook. Het was mijn fout. Dat Duits spreken met Max, bedoel ik. Dat andere niet. Hoewel het duidelijk mag zijn dat dat me ook spijt.'
'Jullie rotmoffen zullen nog lange tijd spijt hebben.' Max lachte. 'Daar zullen wij Joden wel voor zorgen.'


Recensie: Philip Kerrs thrillerreeks rond Bernie Gunther, ex-politieman en privé-speurder, omspant tegenwoordig al meer dan één decennium. Zo ook in deel zes, Als de doden niet herrijzen. Het verhaal begint in Berlijn. Het nazibewind en het stadsbestuur maken zich klaar voor de organisatie van de Olympische Spelen van 1936. Bernie Gunther is detective in het Adlon, een van de prestigieuzere Berlijnse hotels. Hij heeft er de handen vol met hoertjes, louche zakenmannen en zelfs een dode. Deel twee brengt ons naar Cuba, twintig jaar later, waar Bernie woont sinds zijn Argentijnse avonturen in Een stille vlam. Een oude vlam en een minder liefdevolle tegenstander kruisen er zijn pad.

Het is vooral Bernie zelf die de inboedel redt in Als de doden niet herrijzen. De man heeft altijd een cynisch antwoord klaar, hoezeer hij ook onder vuur ligt van Gestapo-officieren, Amerikaanse zakenlui of Cubaanse maffiosi. Door de sprong in de tijd mist het verhaal wat aan spankracht, maar dat wordt goedgemaakt door een verrassende (tweede) plot. Toch altijd leuk lezen, die Kerr.

Meer van Philip Kerr: Een stille vlam
Links: wikipedia (Engels) - De Boekerij - De Boekenplank - recensie van nu.nl
Google Maps: Als de doden niet herrijzen op de wereldkaart

Als de doden niet herrijzen van Philip Kerr - oorspronkelijke titel If the Dead Rise Not - verscheen bij De Boekerij in het najaar van 2009, vertaald uit het Engels door Herman van der Ploeg.
446 pagina's, isbn 9789022552704

16 december 2009

Stories For Life



Wat?
Het goede doel.

Wie? Negen Vlaamse auteurs.

Genre: verhalen

Sterren: ***


Misschien kan alleen echte liefde ervoor zorgen dat de tijd voorbij glijdt zonder dat er heuse daden worden gesteld. Misschien krijgt alleen echte liefde dit voor elkaar: dat gewoon samen zijn al een intense daad op zich is. Dat er geen agenda's ge- en vervuld hoeven te worden. Dat verveling niet bestaat, en angst voor verveling evenmin.
(Margot Vanderstraeten in Het vaccin)


Recensie: Nog twee dagen en drie Stubru-presentatoren trekken zich voor een week terug in een glazen huis aan 't Zuid in Gent. Doel: zo veel mogelijk geld inzamelen ter bestrijding van malaria. Een van de middelen: een bundel van negen verhalen van evenveel Vlaamse auteurs, verkocht voor 5 euro, toevallig ook de prijs van een muskietennet. Dat is op zich al voldoende reden om de portefeuille boven te halen. En dan hebben we het nog niet eens over de uitstekende verhalen van Dimitri Verhulst en Tom Naegels gehad. Als het niet bevalt, kan je er altijd nog een mug mee platmeppen.

Links: StuBru

Stories For Life is een uitgave van Boek.be ter gelegenheid van Music For Life 2009.
111 pagina's, isbn 9789077165201

12 december 2009

Bart Debbaut - Tralies




Wat? Vrouwen in de kelder.

Wie? Bart Debbaut (1971) is een bankier en thrillerauteur uit Zoutleeuw.

Genre: thriller

Sterren: **


Toen ze haar ogen opende, zag ze niets. Het was donker. Ze voelde dat ze op een stenen vloer lag. Ze had handboeien om, haar mond was dichtgetapet. Waar was ze? Wat was er gebeurd? Het bonsde in haar hoofd.


Recensie: Bart Debbaut, fulltime bankier, en wanneer de dochters in bed liggen ook schrijver, doet er alles aan om zijn thrillers onder de aandacht te brengen. Zijn eersteling, Scherven, geïntroduceerd door Woestijnvisser Michiel Devlieger, deed het in de boekhandel niet slecht. Benieuwd of huidig premier Yves Leterme hetzelfde voor elkaar krijgt voor het vervolg.

Tralies gaat verder met het Leuvense speurdersteam uit Scherven. Hoofdinspecteur Leyssens probeert bij een soort goeroe te herbronnen, zijn rechterhand Mieke van Cattendyck lijdt onder de desinteresse van haar klussende vriend. Ondertussen krijgt het team twee zaken voor de kiezen: een reeks brandstichtingen en de verdwijning van een jonge vrouw.

Debbaut wisselt frequent van standpunt: het ene hoofdstuk Leyssens en co, het volgende een krankzinnige ontvoerder en moordenaar. Het levert dezelfde tweespalt op als in Scherven: enerzijds de boeiende onthulling van de drijfveren van de dader, anderzijds een team dat, hoewel al iets meer ingereden, vooral uitblinkt in het klassieke rollenpatroon. Daarnaast mankeert het Tralies vooral aan zorg en finesse. De dialogen komen vaak gekunsteld over, en allerhande uitdrukkingen doen de wenkbrauwen fronsen: 'Als poriën stemmen waren, zou de kelder zich nu vullen met één grote schreeuw.' Een boek schrijven houdt niet op bij het schrijven. Het vraagt ook enige nazorg. En veel schrappen.

Meer van Bart Debbaut: Scherven
Links: Debbauts eigen site

Tralies van Bart Debbaut verscheen bij Kramat in 2009.
232 pagina's, isbn 9789079552207

6 december 2009

Aldo Palazzeschi - Gezusters Materassi



'Bevalt ze je?' vroegen de tantes aan elkaar zodra ze alleen waren.
'Mij niet, en jou?'
'Ze heeft een lelijke mond.'
'Ze is lelijk als ze praat.'
'En als ze lacht?'
'Wat een mond!'
'Die zou ze nooit open moeten doen.'
Dat was het enige wat ze konden aanmerken op dat bijzonder mooie schepsel, haar overdreven en weinig harmonische mondbewegingen bij het lachen en bij het praten, die duidelijk niet slechts een volkse afkomst, maar ingeboren vulgaire trekken toonden en dissoneerden met het bewonderenswaardige beeld. De Materassi's wisten dat onmiddellijk waar te nemen.
'En hoe ze praat!'
'Je krijgt het aan je lever als je haar hoort.'
'Vrouwen en runderen moet je uit je eigen streek halen,' besloot Theresa gedecideerd.

****

Aldo Palazzeschi is nu al vijfendertig jaar dood en begraven, maar zijn Gezusters Materassi blijft als een huis overeind. Vanaf het eerste moment zuigt hij je het verhaal binnen, dat nochtans niet eens zoveel om het lijf heeft. In de jaren 1920 wonen de ongetrouwde zussen Teresa en Carolina Materassi, vijftigers, samen in een klein dorp bij Firenze. De twee zijn linnennaaisters. De hele dag zitten ze over stoffen en hemdjes gebogen, aan het zwoegen voor hun rijke cliënteel. Behalve op zondag, dan tutten ze zich op om vanuit hun slaapkamerraam commentaar te geven op de voorbijkomende wandelaars.

Palazzeschi vertelt met zin voor ironie en een voor die tijd ongewone openheid over de bezigheden van de twee zussen. Het leven gaat zijn gangetje tot een derde zus sterft. Teresa en Carolina nemen haar zoontje in huis, de betoverende Remo. De zusters ontdekken gevoelens die ze al lang begraven achtten. De jongen blijkt een geboren verleider, en naarmate hij opgroeit krijgt dat steeds grotere gevolgen.

Aldo Palazzeschi vertelt vol overgave over twee oude vrijsters in een tijd waarin het dorp nog de wereld was. God zij dank dat er af en toe nog van die pareltjes opduiken. De gezusters Materassi verdienen een plaatsje in het hart van elke lezer.


Gezusters Materassi van Aldo Palazzeschi - oorspronkelijke titel Sorelle Materassi - verscheen bij De Bezige Bij in het najaar van 2009, vertaald uit het Italiaans door Anton Haakman.
348 pagina's, isbn 9789023453314