Pagina's

23 april 2011

Nicola Lecca - Het laatste concert


En toch, na Mahler - en vooral na zijn Tweede Symfonie - is iedereen geneigd hetzelfde te reageren. En dus barst zowel in Napels, Stockholm als Londen na deze koraalsymfonie een daverend applaus los en zelfs diegenen die dat nooit eerder durfden, springen op en roepen: 'Bravo!'
Ook vanavond heeft Alexander de zielen weer diep geraakt en het publiek is na het concert met een gelukkig gevoel naar huis gegaan. Maar zelf was hij, eenmaal op zijn kleedkamer na een vermoeiende rij handtekeningenjagers, moederziel alleen.

***

Origineel is ie wel, die Nicola Lecca. Zijn roman Het laatste concert speelt zich grotendeels af in IJsland. De wereldberoemde Alexander Norberg zal er zijn allerlaatste concert dirigeren, en wel in de oude kathedraal van Reykjavik. Tweeënvijftig mensen worden uitgenodigd, op goed geluk gekozen uit de telefoongids. Het concert groeit uit tot het evenement van de eeuw. Iedereen wil aanwezig zijn bij de opvoering, onder andere een jonge Zweed, een fan die zijn job in een Londens hotel beu is. Een IJslandse casanova mag er wel bij zijn, al vraagt hij zich af wat het Stabat Mater van Pergolesi hem te bieden heeft.

Nicola Lecca, geboren in 1976 en genomineerd voor de Premio Strega in 1999, toont in Het laatste concert wat een kundig verteller hij is. De vergankelijkheid van de roem is een belangrijk thema, met naast Norberg in de hoofdrol een jongen, overbeschermd door zijn ouders, wiens zangcarrière ten einde loopt wegens de komende baard in de keel. Veel verschillende personages die samenkomen in een kille kerk aan de uiterste rand van Europa. Mooi boek, maar ook nogal afstandelijk.

Het laatste concert van Nicola Lecca - oorspronkelijke titel Hotel Borg - verscheen bij De Geus in 2010, vertaald uit het Italiaans door Liesbeth Dillo.
221 blz, isbn 9789044513820

21 april 2011

Alberto Manguel - Alle mensen liegen


Nu bedenk ik dat het leven van Bevilacqua niet meer was dan een aanzet tot leven. Literair gesproken is het niet meer dan een verzameling fragmenten, flarden, onaffe episoden. Elk daarvan zou het begin kunnen zijn van een grootse roman van duizend bladzijden, diepgravend en ambitieus. Het levensverhaal dat ik je vertel is daarentegen geheel in stijl met het personage: besluiteloos, onbestemd, onbeholpen.

***

Alberto Manguel woont in Frankrijk, maar schrijft in het Spaans. Als Argentijn hanteert hij een stijl die veel Zuid-Amerikaanse schrijvers kenmerkt: breedvoerig, met lange, omslachtige zinnen. Niet iedereen houdt ervan. Het verhaal gaat over de dood van een Argentijnse schrijver in Madrid. Een Franse journalist tracht de waarheid te achterhalen, maar de verschillende getuigen die achtereenvolgens aan het woord komen, geven telkens een andere versie van de feiten. Langzaamaan wordt het beeld over de schrijver bijgesteld. Mooi opgebouwd boek, maar de stelling dat ieder zijn eigen waarheid verdedigt, is niet echt verrassend te noemen.

Alle mensen liegen van Alberto Manguel - oorspronkelijke titel Todos los hombres son mentirosos - verscheen bij De Geus in 2011, vertaald uit het Spaans door Jos den Bekker.
191 blz, isbn 9789044517002

18 april 2011

Christophe Deborsu - Dag Vlaanderen!


Meisjes. De enige mogelijkheid om perfect tweetalig te worden. Apprendre une langue sur l'oreiller, zegt men in het Frans. Veel Walen die vlot Nederlands praten, hebben een Vlaamse vrouw. Monseigneur Léonard allicht niet. Ik ook niet. Mijn geliefde heeft dan wel Vlaamse wortels, maar de taal kent ze niet. De warmte uit het Noorden zonder de galm.

***

Het geografische middelpunt van Vlaanderen ligt in Buggenhout, middenin een veld. De eigenaar vond het maar nonsens rond het middelpunt heen te ploegen, en dus staat het officiële monument enkele honderden meters verder, aan de rand van het veld. Wallonië doet nog beter. Het middelpunt ligt in een bos dat niet eens Waals is, maar eigendom van de Brusselse watermaatschappij. Het monument is dan maar in het dichtstbijzijnde dorp neergeplant. Surrealisme, alvast één ding dat Vlaanderen en Wallonië gemeen hebben.

Zowat de enige in Vlaanderen bekende Waal (buiten enkele politici) schreef voor uitgeverij Borgerhoff & Lamberigts een handleiding voor de Waal. Hoe Walen écht leven en denken, luidt de ondertitel. Je leest het goed: Walen. Het blijkt een groot misverstand de Franstalige Brusselaars over dezelfde kam te scheren. Wallonië is voor hen niet meer dan de provincie.

Christophe Deborsu is in vorm in Dag Vlaanderen! Als journalist voor de RTBF kent hij de achtergrond als geen ander. Hij studeerde rechten in Leuven en werkt sporadisch voor de Vlaamse pers, zodat hij ook de andere kant van de verhalen kent. Hij schreef het boek trouwens volledig in het Nederlands. De grote lijnen zijn al gekend, als je het nieuws een beetje volgt. De verrassing zit hem eerder in de details en in een ironisch-humoristische stijl. Of het boek Vlamingen en Walen ook dichter bij elkaar zal brengen is nog een vraagteken, maar het is een meer dan verdienstelijke poging.

Dag Vlaanderen! van Christophe Deborsu verscheen bij Borgerhoff & Lamberigts in 2011.
400 blz, isbn 9789089311702

Tom Naegels - Beleg


Achteraf zat Arno op de rand van het bed. Hij dronk zijn bier, waarvoor hij per slot van rekening betaald had. Hij dronk het hare: ze had echt genoeg gehad. Eigenlijk voelde hij niets. Geen schuld, geen opluchting, geen bevrediging. Ook Maria had zich neergelegd bij de situatie. Ze probeerde hem zelfs tot een tweede keer te verleiden. Ze graaide naar zijn ballen, maar miste.
'Je veux mon fric', stamelde ze.

***

Tom Naegels recycleert in Beleg deels de ingrediënten van Los, zijn vorige roman uit 2005, tevens verfilmd door Jan Verheyen. Het verhaal draait rond Arno en Judith, een autochtone Belg en een allochtone vrouw. Ze leren elkaar kennen dankzij Arno's vader Leon, om het zacht uit te drukken een kleurrijke figuur. Tijdens een trip naar Marseille bedriegt Arno Judith met een Masaï-vrouw. Is dat het einde van hun relatie?

Het migratiethema heeft Beleg gemeen met Los, maar de sfeer is luchtiger (waarschijnlijk omdat er geen kankerlijders in voorkomen). Naegels schrijft met gevoel voor humor, al schijnt er vaak de tristesse doorheen: oplichters die misbruik maken van asielzoekers, slechte woonomstandigheden. Beleg is aangenaam lezen, maar niet zo'n hoogvlieger als Los.

Beleg van Tom Naegels verscheen bij Meulenhoff | Manteau in 2009.
228 blz, isbn 9789085422198

12 april 2011

Selm Wenselaers - De laatste Belgen


De waanzinnige twintigste eeuw heeft een stempel gedrukt op dit grensgebied en op de identiteit van zijn bewoners. De Oostkantons herbergen niet alleen een opzienbarend verleden, ze geven ook vorm aan het Europa van morgen.

****

De laatste tijd gaan stemmen op om van de Duitstalige Gemeenschap een vierde volwaardig gewest te maken. Als het ooit zover komt, zal het niet zijn omdat ze er in Eupen zelf om vroegen (al pleit minister-president Lambertz regelmatig voor meer bevoegdheden), maar vooral omdat het toevallig zo uitkomt in de moeizame onderhandelingen tussen Vlamingen en Franstaligen. Zo is het tot nu toe altijd gegaan: de Duitstaligen profiteerden mee van de strijd voor meer Vlaanderen. Sterk, voor een bevolking van goed 75.000 man, die op een senator na nauwelijks een stem heeft in Brussel.

Dat de Ostbelgier het ooit met veel minder moesten stellen, beschrijft hedendaags historicus Selm Wenselaers in De laatste Belgen. Na de aanhechting bij België aan het einde van Wereldoorlog I werd de regio bestuurd als een kolonie. De bevolking moest ontduitst worden, wat gelukkig nooit helemaal gelukt is. Begonnen als samenvoeging van drie kantons die weinig geschiedenis gemeenschappelijk hadden, vormen Eupen, Malmédy en Sankt-Vith nu de Deutschsprachige Gemeinschaft Belgiens. De best beschermde minderheid ter wereld, zo luidt het cliché. Benieuwd wat de toekomst zal brengen voor onze minst bekende landgenoten. Misschien staan we wel aan de wieg van een nieuwe Europese mini-staat.

De laatste Belgen van Selm Wenselaers verscheen bij Meulenhoff | Manteau in 2008. 
197 blz, isbn 9789085421498

10 april 2011

Bavo Dhooge - Scrabble Man


'Weet je, Vic, ik weet niet echt of ik wel moet gaan. Ik bedoel, ik heb het gevoel dat ze me hier nog niet kleinkrijgen.'
Vic, de regisseur van Scrabble Man, die bakken duiten had gekost, riep niet eens 'cut', maar hurkte naast zijn ster neer.
'Geloof me, Ben. Ze krijgen je klein. Je bent een laffe seriemoordenaar die dertien mensenlevens op zijn geweten heeft. Waarom zou je het hier dan moeten redden? Je moet eraan. Je denkt toch niet dat we hier anders mee wegkomen?'
'Kan ik niet gewoon een kogel in mijn kont krijgen? Dan zie je me in het volgende shot in een ambulance naar het ziekenhuis en...'

****

Het derde boek is het in wat je de LA-reeks zou kunnen noemen. Stiletto Libretto en Sioux Blues gingen Scrabble Man vooraf, en als je wilt past ook Stand-In in het rijtje. Het is een compromis tussen de hang naar commercieel interessante reeksen van de uitgever, en de afkeer van het formuleschrijven van Gentenaar Bavo Dhooge. De reeks is er niet minder goed om. Integendeel. Scrabble man behoort tot het beste van Dhooges palmares tot dusver.

Scrabble Man is de titel van de film die acteur Benny Benito groot heeft gemaakt. Een gangsterfilm met een happy ending, waarin Benito niettemin zijn laatste adem uitblaast. Dat soort films is zijn handelsmerk geworden. Maar dat voortdurende doodgaan en weer opstaan: Benny begint er genoeg van te krijgen. Dus maakt hij een komedie, die helaas een regelrechte flop wordt. Dat roept om vergelding van een Russische crimineel, Yuri The Fury, die er een deel van zijn fortuin in stak met de bedoeling het wit te wassen. Ook Benny's vrouw is niet echt gelukkig. Zij wil vooral in haar nakie rondlopen met Benny's agent aan haar zijde. Tot overmaat van ramp duikt een wannabe-Benito-imitator op, die over het hoofd ziet dat hij vooral op John Travolta lijkt en zelfs niet van ver op Benny Benito.

Dhooges werk draait wel vaker rond identiteitsverwisselingen (zie ook de jeugdthriller Springers). In Scrabble Man maakt hij er een waar festijn van misleidingen van, met een bewonderenswaardige reeks plotwendingen, snedige dialogen, bloedige scènes en een hilarisch stelletje weirdo's. Scrabble Man: je moet het lezen om het te geloven.

Meer van Bavo Dhooge: zie hier.

Scrabble Man van Bavo Dhooge verscheen bij Manteau in 2011.
303 blz, isbn 9789022326053

2 april 2011

Umberto Eco - De begraafplaats van Praag


Om herkenbaar en schrikwekkend te zijn moet een vijand zich in ons eigen huis bevinden, of op de drempel ervan staan. Vandaar dat ik de Joden heb gekozen. De Goddelijke Voorzienigheid heeft ze aan ons gegeven, laten we ze dan goddomme ook gebruiken, en laten we bidden dat er altijd Joden zullen zijn om te vrezen en te haten.

*****

De begraafplaats van Praag is de grootste bestseller van Umberto Eco sinds De naam van de roos, intussen toch al dertig jaar oud. Waar je in die laatste eerst een honderdtal pagina's theologische verhandelingen moet doorworstelen (de lezer moet moeite willen doen, zei Eco ooit), valt dat in De begraafplaats van Praag goed mee. Akkoord, het is geen strandliteratuur, maar als je er een beetje moeite voor doet, is de historie best te volgen.

Het boek begint met de waarnemingen van een Verteller die binnengaat in een Parijse uitdragerij en er een schrijvende persoon aantreft, 'een oude man in sjamberloek'. Het is de in Turijn geboren schriftvervalser Simone Simonini die in zijn dagboek schrijft. Hij wordt daarbij geplaagd door een abt, Dalla Piccola, die steeds opduikt als hij er zelf niet is. Of zijn ze één en dezelfde man?

Verteller, Simonini en Dalla Piccola vertellen elk om beurt een deel van het verhaal, elkaar aanvullend wanneer bewust of onbewust delen van de waarheid worden verzwegen. Die waarheid is uiterst relatief. Eco spint een web van intriges tegen de achtergrond van een groot deel van de negentiende eeuw, met haar revoluties en de Italiaanse eenmaking. Simonini, als meester-vervalser, produceert documenten voor de hoogst biedende, om ze daarna in licht aangepaste vorm alsnog aan diens tegenstander te versjacheren. Meestal weet hij zijn stokpaardje naar binnen te smokkelen: de bron van alle kwaad zijn de Joden, met in hun kielzog de vrijmetselaars. In de negentiende eeuw worden zo de eerste kiemen gelegd van wat in de jaren 1930 en 1940 zal uitgroeien tot een orgelpunt van haat en vergelding.

'Het enige verzonnen personage uit deze roman is het hoofdpersonage', zegt Eco in zijn 'Nutteloze erudiete toelichting'. En dat is nog het strafste aan de hele historie. De begraafplaats van Praag intrigeert van begin tot einde. Een verbluffend meesterwerk.

De begraafplaats van Praag van Umberto Eco - oorspronkelijke titel Il cimitero di Praga - verscheen bij Prometheus in 2011, vertaald uit het Italiaans door Yond Boeke en Patty Krone.
496 blz, isbn 9789044617320

1 april 2011

Malla Nunn - Laat de doden rusten


'Staan blijven.' Emmanuel zette zijn stem van adjudant-rechercheur op. Hij wilde zijn standaard Webley-revolver .38 pakken, maar zijn hand kwam op een lege plek - als een oorlogsveteraan die op de tast een fantoomledemaat zoekt. Het gevaarlijkste wapen dat hij had was een pen. Het maakte niet uit. Het wapen was zijn back-up.

****

Emmanuel Cooper, hoofdpersonage uit het lang niet slechte Een mooie plek om te sterven is terug. De naar Australië uitgeweken Zuid-Afrikaanse Malla Nunn laat hem een jaartje later - het is dan 1953 - opdraven voor een nieuwe moordzaak. Nog steeds onder leiding van majoor Van Niekerk, al moet die vechten voor zijn positie binnen de politiediensten. En wat geldt voor de oversten, geldt dubbel en dik voor de man te velde.

Cooper, na de strubbelingen in het vorige boek niet echt nog deel van de politie, voert wat surveillance-opdrachten uit in de haven van Dursban. Hij is er getuige van de dood van een blanke jongen van elf jaar. In het nieuwe Zuid-Afrika worden moorden op blanken zeer ernstig genomen, hoe arm het slachtoffer ook is. Helaas valt de verdenking op Cooper zelf, een handig slachtoffer gezien zijn verleden en zijn herindeling als niet-blanke. De dood van zijn wantrouwige hospita wijst nog meer in zijn richting. Maar majoor Van Niekerk schiet te hulp. Cooper krijgt 48 uur de tijd om de zaak op te lossen. Er staat veel op het spel. Na een geslaagde opdracht wenkt de rehabilitatie. Bij mislukking wacht Cooper de dodencel.

Het zijn de beginjaren van de Apartheid, de pijnlijke scheiding van de rassen, niet alleen tussen blank en zwart, maar ook tussen Indiërs, Engelsen en Boeren. Cooper moet, als kersverse niet-blanke, op zijn tellen passen. Bovendien speelt de rivaliteit tussen de gewone politie, die Cooper maar al te graag wil laten hangen, en de geheime dienst, die hogere - internationale - belangen dient. Gelukkig houdt Van Niekerk de touwtjes stevig in handen. Een stevige, spannende plot bevestigt diens hegemonie voor eens en voor altijd.

Laat de doden rusten van Malla Nunn - oorspronkelijke titel Let the Dead Lie - verscheen bij Cargo in 2010, vertaald uit het Engels door Mireille Vroege.
364 blz, isbn 9789023457138