16 mei 2011

Giorgio Vasta - De materiële tijd


Terwijl we daar lopen, te midden van het gewoel, zien we alleen maar door het dialect uiteengereten gezichten - het dialect is in de monden geëxplodeerd en heeft de trekken verscheurd -, voortgebracht in het duister van de familiebanden, in het dagelijkse botsen, een voorhoofd tegen een jukbeen, de mond tegen een slaap. Om ons heen wervelen de gezichten van de Palermitanen, niet te onderscheiden van de maskers bij de ingang van het spookhuis.

***

Wat een eigenaardig boek. Fascinerend, soms schokkend. En eigenaardig. Drie jongens zijn onder de indruk van de Rode Brigades die eind jaren '70 Italië teisteren met hun aanslagen en ontvoeringen. Ze houden in het bijzonder van hun taal. 'Zij praten - of liever schrijven - net als wij. Hun communiqués zijn ingewikkeld, hun zinnen lang en sterk. Zij zijn de enigen in Italië die zo schrijven.' De drie jongens - elf jaar oud - kiezen een naam: Nimbus, Vlucht en Straal. Ze vinden een gebarentaal uit, het Alfastil, distantiëren zich van hun leeftijdsgenoten en zoeken een geheime ontmoetingsplaats. Ze doen wat jongens overal doen. Maar het loopt uit de hand. Zonder mededogen storten ze zich op hun slachtoffers. Ze steken een auto in brand, ontvoeren een jongen uit hun klas. Het gaat van kwaad naar erger.

Auteur Giorgio Vasta hanteert zelf de ietwat archaïsche, afstandelijke taal van de Rode Brigades. Soms wat hoogdravend, maar het pakt wel. Toch kan je het moeilijk plaatsen. De onschuld van kinderen botst met de uitgesproken wil kwaad te doen. Wat een eigenaardig boek.

De materiële tijd van Giorgio Vasta - oorspronkelijke titel Il tempo materiale - verscheen bij Wereldbibliotheek in het voorjaar van 2011, vertaald uit het Italiaans door Marieke van Laake.
319 blz, isbn 9789028423480

Geen opmerkingen: