Pagina's

31 juli 2011

Vincenzo Consolo - Retabel


Ik keek omhoog en zag in de raamopening, o wee, mijn ongeluk!, de vrouw die het touw van de broodkorf vasthield en naast haar een meisje van vijftien, zestien jaar, een rouwfloers op het hoofd dat zij met een sierlijke hand onder haar kin bijeenhield. Haar ogen hield ze beschroomd neergeslagen, maar vanonder de sluier harer wimpers ontschoten flitsen van smaragdgroen vuur. Nooit in mijn verbeelding, nooit in mijn leven had ik, in den vleze of in verf, een engel, een serafijn als zij gezien.

***

Van het werk van de Siciliaan Vincenzo Consolo, nochtans Premio Strega-winnaar in 1992, werd tot dusver geen letter naar het Nederlands vertaald. Dat heeft wellicht veel te maken met de vertaalbaarheid. Consolo schrijft welhaast poëtisch Italiaans, deels in het dialect, en zonder zich veel aan te trekken van literaire conventies. De kersverse uitgeverij Novecento waagde er zich toch aan samen met de gerenommeerde vertaalster Pietha de Voogd. Het resultaat is Retabel, een mooi vormgegeven hardcover, met als ondertitel Siciliaanse passies.

Die twee woorden vatten het boek uitstekend samen. Enerzijds wegens de passie die een jonge monnik voelt voor een beeldschone Rosalia, een liefde die hem in de problemen dreigt te brengen. Anderzijds wegens de passie voor het Siciliaanse land, waar de monnik rondtrekt samen met een edelman uit Milaan, die geregeld zijn achtergebleven geliefde toezingt. De twee zien de mooiste landschappen aan zich voorbijtrekken, de kostbaarste antiquiteiten, de machtigste kastelen. Bij momenten waan je je tussen de Siciliaanse wijngaarden, een aangenaam zeebriesje in het gezicht.

Een klassiek reisverhaal dus, al wijst het nawoord van Walter Geerts op de vele dubbele bodems van de neo-barocco, de stijl waartoe Consolo gerekend wordt. Retabel is een hedendaagse parodie op het reisverhaal; niets is wat het lijkt. Maar zelfs als dat je tijdens het lezen niet opvalt, dan kan je nog altijd genieten van de mooie taal en het Siciliaanse landschap.

Retabel van Vincenzo Consolo - oorspronkelijke titel Retablo - verscheen bij Novecento in 2011, vertaald uit het Italiaans door Pietha de Voogd. 
152 blz, isbn 9789491126017

29 juli 2011

Lorànt Deutsch - Metronome


Zo gaat de stad langzaam terug naar haar bron... Weet u nog, het Lutetia dat aan de oever van de Seine lag, op de plaats van het huidige Nanterre? Misschien zal Parijs in de eenentwintigste eeuw terugkeren naar Lutetia en meer dan tweeduizend jaar na dato de rivierbocht terugvinden waarin de Gallische stad is ontstaan.

***

Parijs van eeuw tot eeuw en van station tot station. Lorànt Deutsch volgt het spoor van de metro voor een trip door de geschiedenis. Waar hij bovengronds komt - elke eeuw in een ander station - vindt hij restanten van het Parijs van weleer. Van het prille begin, enkele kilometers stroomafwaarts van de Cité, tot de wereldstad van vandaag, nog steeds in beweging.

De wandelingen vanaf het metrostation zijn vooral geschikt voor wie Parijs al een beetje kent. De geschiedenis van Parijs daarentegen, en bij uitbreiding die van de hele Franse staat, is dankzij de vele anekdotes ook boeiend voor thuisblijvers. Een tripje naar Parijs staat dus nog eens op het programma. Met Metronome in de hand, deze keer.

Metronome van Lorànt Deutsch verscheen bij Thomas Rap in 2011, vertaald uit het Frans door Martine Woudt.
399 blz, isbn 9789060059999

9 juli 2011

Jussi Adler-Olsen - Dossier 64


'Kun je je mij niet herinneren, Nete?' klonk de stem van achter hen. 'Ja, natuurlijk kun je dat wel. Curt Wad. Mij herinner je je vast en zeker.'
Halverwege de trap haalde hij hen in.
'Ben jij misschien het hoertje van directeur Rosen? Ben je echt in die lagen doorgedrongen, wie had dat gedacht?'

***

Dossier 64 is alweer het vierde deel uit Serie Q van de Deen Jussi Adler-Olsen. Afdeling Q, ter herinnering, is de afdeling van de Deense politie die zich bezighoudt met zaken die bijzondere aandacht vereisen, eigenlijk een zoethoudertje voor brigadier Carl Mørck, die na een gewelddadig incident op een zijspoor is gezet. Dat belet hem niet om, vooral onder impuls van zijn helpers Rose en Assad, oude dossiers van onder het stof te halen. Zoals een reeks verdwijningen halverwege de jaren '80, waartussen toen nooit een samenhang werd gezien.

Adler-Olsen wisselt het politiewerk af met het verhaal van een jonge vrouw, Nete Hermansen, en een oude man, Curt Wad. Die laatste heeft ervoor gezorgd dat Nete in een gesticht voor zwakzinnige vrouwen terecht is gekomen. Tegenwoordig is Wad, al een stuk in de 80, actief als oprichter van een nieuwe politieke partij die de Deense identiteit wil bewaren door vreemdelingen buiten te houden, maar ook door sociaal zwakkere vrouwen verplicht te steriliseren. Afdeling Q begeeft zich dus in een politiek moeras.

Het begint onderhand moeilijk te worden de Q-boeken als losstaande verhalen te lezen. De drie hoofdpersonages doen elkaar als vanouds de duivel aan, maar krijgen ook nieuwe ontwikkelingen te verwerken. Zo beweegt er iets in de zaak die Carl bijna het leven kostte, en is Rose ook nog altijd niet haar eigen zelve. Jussi Adler-Olsen schrijft knappe boeken, sociaal bewogen, maar ook met een komische noot. Deze keer evenwel iets te lang uitgesponnen voor een verhaal dat binnen de eerste paar honderd pagina's al plus minus duidelijk is.

Dossier 64 van Jussi Adler-Olsen - oorspronkelijke titel Journal 64 - verscheen bij Prometheus in 2011, vertaald uit het Deens door Kor de Vries.
471 blz, isbn 9789044617559