Pagina's

Posts tonen met het label de belezen Belg. Alle posts tonen
Posts tonen met het label de belezen Belg. Alle posts tonen

2 oktober 2016

De Belezen Belg (7): de politiehond

Belgen in de wereldliteratuur. De Belezen Belg onderzoekt wie ze zijn en wat ze doen.

Blijkbaar is de Brusselse politie goed met honden, of was ze dat in 1924. Of anders had de Albanese minister van Buitenlandse Zaken het verkeerd voor.

Om de kans op opheldering te vergroten lieten ze op kosten van de staat (circa 0,3 procent van de staatsbegroting voor het jaar 1924) een politiehond en zijn begeleider uit België overkomen. Dit was een idee geweest van de minister van Buitenlandse Zaken, Adnan Bey Gorica, die hier bekendstaat als dé België-connaisseur. Volgens hem beschikt de politie van Brussel als enige in Europa over een tiental goedopgeleide speurhonden, die in uiterst netelige gevallen worden ingezet.

De zaak die opheldering vraagt is niet van de poes: op de noordelijke Albanese bergweg zijn twee Amerikanen doodgeschoten. En laten het nu net de Amerikanen zijn die ervoor zorgden dat Albanië een zelfstandige staat werd, en niet verdeeld werd onder Servië, Griekenland en nog wat Balkanstaten. Er breekt dus paniek uit en er moeten koste wat het kost schuldigen aangeduid worden. Geen makkelijke werkomstandigheden voor onze landgenoot en zijn hond. Dat hij zelf niet onverdeeld gelukkig is met de uitkomst, blijkt wanneer de Albanezen hem willen bedanken voor een vermeende doorbraak:

'Ik wil die medaille en dat geld niet,' zei de ongelukkige gendarme, terwijl hij zich verder bedronk.

Het is inderdaad een wespennest waarin hij zich begeeft, met naast de buitenlandse machten die olie en/of land op het oog hebben, ook nog een interne machtsstrijd tussen de beys (die het onder de Ottomanen voor het zeggen hadden) en de in Amerika opgeleide oppositie. Moord op de noordelijke bergweg  van de Duits-Albanese Anila Wilms is een fraaie kruising van historische roman en politieke thriller.

Moord op de noordelijke bergweg van Anila Wilms - originele titel Das Albanische Öl oder Mord auf der Strasse des Nordens - verscheen bij Van Gennep in 2014, vertaald uit het Duits door Dineke Bijlsma.
217 blz, isbn 9789461642110

5 september 2016

De Belezen Belg (6): de Vlaamse gaai

Belgen in vertaalde boeken: wie zijn ze, wat doen ze? De Belezen Belg zoekt het uit.

Van Joachim Meyerhoff verscheen eerder de autobiografische roman Wanneer wordt het eindelijk weer zoals het nooit is geweest, een vaak grappig relaas over zijn kinderjaren middenin de psychiatrische inrichting waar zijn vader directeur is. In Ach, deze leegte, deze verschrikkelijke leegte trekt Meyerhoff naar München, waar hij ondanks een groot gebrek aan talent aan een theateropleiding begint. Omdat hij geen betaalbare kamer vindt, gaat hij bij zijn grootouders inwonen, een verbazingwekkend koppel - zij een actrice op leeftijd, hij een gepensioneerd filosoof -  dat de dag heeft ingedeeld op basis van alcoholconsumpties (van de champagne 's morgens tot de Cointreau voor het slapengaan). Meyerhoff wisselt verhalen over zijn theateropleiding (draag eens een gedicht voor als nijlpaard) af met het leven van de twee oudjes. Een tragikomische aanrader.


Maar daar was het de Belezen Belg eigenlijk niet om te doen. Wel om de wandeloutfit van de grootouders, die in schril contrast staat met hun gewoonlijke elegantie.
Al bij het ontbijt verschenen ze op wandeldagen in partnerlook. Dan droegen ze groene knickerbockers met zilveren gespen, degelijke wollen sokken en geruite overhemden. Het geheel werd gecompleteerd met grijze kraagloze jasjes en twee identieke groene hoedjes met blauw glanzende Vlaamsegaaienveren.
Tot ik dit las had ik me nog nooit serieus afgevraagd wat er zo Vlaams is aan een Vlaamse gaai. Is een Vlaamse gaai in het buitenland ook wel Vlaams? Het antwoord is ontluisterend. De gaai komt over heel Europa en een stuk van Azië voor. Niet direct een reden om hem specifiek Vlaams te noemen. De Vlaamse gaai is dan ook waarschijnlijk een vergissing. Met de vlammende kleuren van zijn verenkleed zouden de Fransen gesproken hebben van de gai flammant, waarna een of andere nitwit de flammant interpreteerde als flamand.  En Meyerhoff, de Duitser, die had het in zijn tekst wellicht niet eens over een gaai, maar over de veren van de Eichelhäher. Bij nader inzicht is er weinig Vlaams aan de Vlaamse gaai. Jammer, eigenlijk.

Ach, deze leegte, deze verschrikkelijke leegte van Joachim Meyerhoff - originele titel Ach, diese Lücke, diese Entsetzliche Lücke - verscheen bij Signatuur in 2016, vertaald uit het Duits door Jan Bert Kanon.
313 blz, isbn 9789056725518

22 juli 2016

De Belezen Belg (5): de Eddy Lipstick van het Heilig Roomse Rijk

Af en toe duikt in een boek een onverwachte Belg op. Hoe is die daar gekomen? De Belezen Belg zoekt het uit. Met vandaag de Eddy Lipstick van het Heilig Roomse Rijk. 


Misschien eerst een woordje uitleg over Eddy Lipstick, al zullen de meeste Vlamingen wel weten over wie het gaat. Eddy Lipstick is (of was) een bekende pornoproducent. Zijn echte naam is Edward Glazenmakers, maar met zo'n naam maak je het niet in de business. Zijn meest vindingrijke titels zijn Postbus XXX, Bloot en meedogenloos en FC De Kapoenen. Tegenwoordig is het iets stiller rond Eddy, enkele rechtszaken over het verspreiden van pornografie en het organiseren van gangbangs niet te na gesproken (voor het tweede werd hij trouwens vrijgesproken).

Porno is natuurlijk van alle tijden, al verandert de beelddrager wel eens van vorm, en is de ene tijd of religie al wat toleranter dan de andere. Zelfs in de zestiende eeuw waren ze niet vies van een vies prentje. Zij die het konden betalen dan toch, zoals Rudolf II, keizer van het Heilige Roomse Rijk en aartshertog van Oostenrijk, gezegend met de typische Habsburger-kin (de frequente inteelt had zijn prijs).


Rudolf II hield niet van regeren. Hij vulde zijn Praagse paleis liever met exotische dieren: een dodo, paradijsvogels en een kasuaris; twee getraumatiseerde struisvogels, een Indiase neushoorn en een olifant. Daarnaast hield hij van curieuze schilderijen. Ene Arcimboldo maakte een portret van hem, samengesteld uit groenten en fruit.


Bovendien, en nu komen we tot de kern van de zaak, liet hij ene Bartholomeus Spranger (geboren in Antwerpen in 1546) "een stel van de meest pornografische schilderijen van eind 16de eeuw maken". Spranger wijdde zich vol overgave aan zijn taak, wat van hem de Eddy Lipstick van het Heilig Roomse Rijk maakt. Simon Winder zegt er in zijn boek over de Habsburgers nog het volgende over: "... de veelgeprezen Minerva zou met haar uitdagende houding, staalblauwe sexy outfit en speer ook nu nog in elke nachtclub opzien baren".


Misschien een tikkeltje overdreven van Winder (Eddy Lipstick kan er vast hartelijk mee lachen), maar anderzijds: veel kunnen die Habsburgers toch niet gewoon zijn geweest. Rudolf II stierf trouwens kinderloos - ik weet niet of dat relevant is -, maar zijn nazaten regeerden daarna nog een goeie driehonderd jaar over belangrijke delen van Centraal-Europa. Wie daar meer over wil weten, kan altijd Danubia eens lezen. Ik kan het van harte aanbevelen (net als Winders vorige, Germania).

Danubia van Simon Winder, Uitgeverij Spectrum, 2014

11 februari 2016

De Belezen Belg (4): Saïo en Tabora

Wat voor Belgen duiken er zoal op in de wereldliteratuur? De Belezen Belg zoekt het uit.

In Congolese wiskunde (De Geus / Oxfam Novib, 2011) van In Koli Jean Bofane, bedenkt Célio Matemona, bijgenaamd Célio Mathématik, wiskundige formules om het volk te sturen in de richting die de president wenst. Dat levert een heerlijk exotische mix op van tovenaars met afgekloven tandenborstels, corrupte oppositiepolitici en militaire staatsgrepen. Kortom: een aanrader (en nog te verkrijgen in de solden).

Maar we gingen het over de Belgen hebben. In een boek over Congo komt de voormalige kolonisator meestal wel eens ter sprake (en zelden in positieve zin). In dit geval is de oude Isemanga op de stoep een kippenspiesje aan het grillen wanneer het gesprek op de oorlog komt. Die van 1940, welteverstaan.

De Congolezen van de Openbare Weermacht hanteerden, aldus Isemanga, nogal ferme technieken. Elk namen ze drie Hitlers gevangen. De eerste werd gemarteld en op een gruwelijke manier afgemaakt. De tweede moest een stukje van de eerste opeten en werd daarna doodgemarteld. En de derde, die dat allemaal mocht aanschouwen, werd teruggestuurd naar zijn linies om onrust te zaaien. Isemanga zegt daarover:

'Soms moet je de grote middelen gebruiken, jongen. Dacht jij dat de Belgen, met hun manier van vechten, anders ooit een slag hadden gewonnen? Saïo hebben ze gewonnen dankzij ons. Tabora ook.'

Saïo en Tabora, het doet bij mij geen belletje rinkelen. Nochtans zijn het twee grote overwinningen van het koloniale leger, de Force Publique (Openbare Weermacht in het Nederlands), en dus ook een beetje van ons, Belgen. In 1941 versloeg het leger de fascistische Italianen in Ethiopië, bij Saïo. Enkele decennia eerder, in 1916, had de Force Publique de Duisters verdreven uit Tabora, Tanzania. Sindsdien mag de Luikse generaal Charles Tombeur zich baron Charles Tombeur de Tabora noemen. Een eer die de gewone Congolese soldaten niet te beurt viel.

Er is trouwens nog meer te vertellen over die Force Publique. Volgens een artikel van Lucas Catherine werden 'onze' Kongolezen in 1944 overgeplaatst naar Palestina. De Engelsen hadden de bondgenoten om hulp verzocht tegen de terreur van Europese zionistische kolonisatoren die de onafhankelijkheid wilden uitroepen. Jawel, de Palestijnen waren al aan hun tweede generatie kolonisatoren toe (en er in zekere zin nog altijd niet van af). Hoe lang de Congolezen daar gebleven zijn, weet ik niet, maar langer dan vier jaar zal het niet geduurd hebben: in 1948 was het ook voor de Britten over en uit.

29 december 2015

De Belezen Belg (3): een goeroe uit Westmalle

Heb jij je ook wel eens afgevraagd waarom die ene toerist die in een Zweedse misdaadroman opduikt nu net een Belg is? En geen Portugees, Oostenrijker of Luxemburger? De Belezen Belg zoekt het uit.

Joe Speedboot is zo'n beetje de Nederlandse variant van De helaasheid der dingen. Allebei gaan ze over opgroeiende jongens: de een lichamelijk beperkt, de andere vooral sociaal. Fransje, de verteller in Joe Speedboot, is onder een maïshakselaar terechtgekomen, en sindsdien lichamelijk tot niet veel in staat.

Het échte hoofdpersonage is Joe Speedboot, die zelf zijn naam heeft gekozen, maar eigenlijk Ratzinger heet. Zijn voornaam houdt hij angstvallig geheim, tot Fransje een blik kan werpen op Joe's paspoort. Als je niet van spoilers houdt, moet je nu ophouden met lezen, want hier volgt Joe's echte naam:

Achiel Stephaan. Waarom hadden zijn ouders hem in godsnaam zo'n achterlijke Vlaamse naam gegeven. Naar een Vlaamse grootvader? Een goeroe uit Westmalle? Hoe dan ook, we keken naar een man zonder geheim. En het geheim was een Belgenmop.

Achiel Stephaan. Dat ziet een Nederlander dus als een doorsnee Vlaamse naam. Een achterlijke naam, dat wel, maar dat zit hem wellicht in de mengvorm van het Nederlandse Stefaan en het Franse Stéphane (hoeveel kersverse vaders hebben staan zweten aan de balie Burgerlijke Stand toen de ambtenaar vroeg "met f of ph, met dubbele a?"). Tot daar kan ik Wieringa best volgen. Wat me vooral intrigeert is die goeroe uit Westmalle. Geen kat zou Westmalle kennen, mocht er niet een abdij staan. Dus zijn er twee opties: 1. Wieringa speelde vogelpik met de Vlaamse landkaart als achtergrond (weinig waarschijnlijk), of 2. Wieringa lust wel eens een goed bier en vond inspiratie in zijn koelkast. Ik ga voor optie 2, en gun 'm nog wel een paar trappisten.

21 december 2015

De Belezen Belg (2)

Heb jij je ook wel eens afgevraagd waarom die ene toerist die in een Zweedse misdaadroman opduikt nu net een Belg is? En geen Portugees, Oostenrijker of Luxemburger? Een poging tot antwoord in een nieuwe reeks: hoe raken Belgen verzeild in spannende, grappige, wereldschokkende of volstrekt nietszeggende situaties? De Belezen Belg zoekt het uit.

Even terug naar 1815. Napoleon is in Waterloo van zijn witte paard gevallen, deze keer definitief, en dat heeft de weg vrijgemaakt voor de herschikking van een paar lappen grond. Rusland nam nog maar eens een stukje van Polen over en Noorwegen was opeens niet meer Deens maar Zweeds.

Maar ook het koninkrijk Pruisen viel in de prijzen. Christopher Clark, een Australische historicus die een boek schreef over Pruisen, wijdt er een paar zinnen aan. Het koninkrijk - te klein om een grootmacht te zijn, te zelfbewust om een kleine Duitse staat te zijn - kreeg er namelijk ongevraagd (ze hadden liever Saksen gehad) een paar provincies bij langs de Rijn. Engeland zagen graag iemand van dichtbij de Fransen in de gaten houden, en dat moesten dan maar de Pruisen zijn.

Oostenrijk van haar kant, kreeg een groot stuk van Italië in handen in ruil voor hun Zuidelijke Nederlanden.

Dat kwam de Oostenrijkers goed uit; ze waren blij van de weerspannige Belgen af te zijn, die nu begonnen aan een kortstondige en ongelukkige periode, waarin ze door de Nederlanders werden overheerst.

Als je 't zo leest, was Willem I, koning der Verenigde Nederlanden, beter eens te rade gegaan bij de Oostenrijkers voordat hij die weerspannige Belgen overnam. Al blijft de vraag wie die 'Belgen' op dat moment dan wel waren. Nu weten we natuurlijk beter: de weerspannige Belgen waren van het soort dat naar de opera ging in Brussel. De stomme van Portici, en dat soort dingen. Operagangers die een revolutie ontketenen: je ziet het nu niet direct meer gebeuren. Het gevaar zit hem anno 2015 nog eerder in nationale zangfeesten, of hoogstens een concert van Slongs Dievanongs. Maar in 1815 hadden we dus nog een reputatie hoog te houden als weerspannige onderdanen, en dat zal Willem geweten hebben, vijftien jaar later.

20 november 2015

De Belezen Belg (1)

Heb jij je ook wel eens afgevraagd waarom die ene toerist die in een Zweedse misdaadroman opduikt nu net een Belg is? En geen Portugees, Oostenrijker of Luxemburger? Een poging tot antwoord in een nieuwe reeks: hoe raken Belgen verzeild in spannende, grappige, wereldschokkende of volstrekt nietszeggende situaties? De belezen Belg zoekt het uit.

We beginnen het onderzoek bij Tim Weiner, een Amerikaanse journalist en Pulitzer Prize-winnaar die eerder de geschiedenis van CIA en FBI uit de doeken deed. In Een spoor van vernieling had hij het al over de Vlaamse officier die Lumumba executeerde. Zijn nieuwe boek heet Een man tegen de wereld, en gaat over voormalig Amerikaans president Richard Nixon. Toegegeven, het is non-fictie, dus de Belgen in kwestie zijn niet zonder meer in te wisselen voor Portugezen, Oostenrijkers of Luxemburgers.

Weiner baseert zich in Een man tegen de wereld op recent vrijgegeven archieven, en onthult al in de eerste hoofdstukken hoe Nixon in 1969 opdracht gaf voor een grootschalige aanval op communistische kampen in Cambodja, nochtans een neutraal land. Dat gebeurde niet vanuit het Oval Office, maar...

De president gaf Kissinger opdracht het plan in gang te zetten... en het geheim te houden. Nixon gaf zijn opdracht aan Kissinger terwijl ze in de Air Force One zaten, die op de landingsbaan van het vliegveld van Brussel stond... en daarna ging Nixon naar de lunch met de koning en koningin van België.

Nixon was op dat moment - 23 februari - nog maar een maand in functie. Heel veel brokken had hij nog niet kunnen maken. Boudewijn en Fabiola hebben dus wellicht niet beseft dat ze met een man aan tafel zaten die net het startschot had gegeven voor '2.756.727 ton aan bommen op Cambodja', die mogelijk aan honderdvijftigduizend burgers het leven hebben gekost (cijfers van Tim Weiner). Ik vraag me af of ze dat detail later wel te weten zijn gekomen. En hoe zouden ze dan gereageerd hebben?

De aankomst van Nixon in Brussel is trouwens te zien in een filmpje op YouTube. De Nieuwe Leidsche Courant zette 's anderendaags een foto op de voorpagina, naast een bericht over bommen op Syrië. In 1969 leidde Israël de aanval; in 2015 zowat de hele wereld (inclusief Syrië zelf), maar níét Israël. De geschiedenis herhaalt zich, maar toch net niet.


Overigens: opvallend hoe verdeeld de bronnen zijn over de eerste ontmoeting van Nixon met koningin Fabiola. Volgens Wiener ontmoette Nixon Fabiola in 1969. Volgens andere bronnen gebeurde dat pas in 1974. AbsoluteFacts houdt het op 1969, maar dan wel op 20 mei (dus niet tijdens het eerder genoemde bezoek van 23 februari). Maar dan zou wel echtgenote Pat Nixon aanwezig geweest zijn, van wie bij Wiener geen sprake is.