Pagina's

Posts tonen met het label 2014. Alle posts tonen
Posts tonen met het label 2014. Alle posts tonen

2 oktober 2016

De Belezen Belg (7): de politiehond

Belgen in de wereldliteratuur. De Belezen Belg onderzoekt wie ze zijn en wat ze doen.

Blijkbaar is de Brusselse politie goed met honden, of was ze dat in 1924. Of anders had de Albanese minister van Buitenlandse Zaken het verkeerd voor.

Om de kans op opheldering te vergroten lieten ze op kosten van de staat (circa 0,3 procent van de staatsbegroting voor het jaar 1924) een politiehond en zijn begeleider uit België overkomen. Dit was een idee geweest van de minister van Buitenlandse Zaken, Adnan Bey Gorica, die hier bekendstaat als dé België-connaisseur. Volgens hem beschikt de politie van Brussel als enige in Europa over een tiental goedopgeleide speurhonden, die in uiterst netelige gevallen worden ingezet.

De zaak die opheldering vraagt is niet van de poes: op de noordelijke Albanese bergweg zijn twee Amerikanen doodgeschoten. En laten het nu net de Amerikanen zijn die ervoor zorgden dat Albanië een zelfstandige staat werd, en niet verdeeld werd onder Servië, Griekenland en nog wat Balkanstaten. Er breekt dus paniek uit en er moeten koste wat het kost schuldigen aangeduid worden. Geen makkelijke werkomstandigheden voor onze landgenoot en zijn hond. Dat hij zelf niet onverdeeld gelukkig is met de uitkomst, blijkt wanneer de Albanezen hem willen bedanken voor een vermeende doorbraak:

'Ik wil die medaille en dat geld niet,' zei de ongelukkige gendarme, terwijl hij zich verder bedronk.

Het is inderdaad een wespennest waarin hij zich begeeft, met naast de buitenlandse machten die olie en/of land op het oog hebben, ook nog een interne machtsstrijd tussen de beys (die het onder de Ottomanen voor het zeggen hadden) en de in Amerika opgeleide oppositie. Moord op de noordelijke bergweg  van de Duits-Albanese Anila Wilms is een fraaie kruising van historische roman en politieke thriller.

Moord op de noordelijke bergweg van Anila Wilms - originele titel Das Albanische Öl oder Mord auf der Strasse des Nordens - verscheen bij Van Gennep in 2014, vertaald uit het Duits door Dineke Bijlsma.
217 blz, isbn 9789461642110

20 maart 2016

Naomi Klein - No time



****

Eindelijk eens de tijd gevonden om No time te lezen, Naomi Kleins uitgebreide werk over de klimaatcrisis. Intussen is het al niet meer vijf vóór, maar zes ná twaalf. Als het de bedoeling is - en dat is het minste dat we kunnen doen - de temperatuurstijging onder de twee graden te houden (waartoe de wereldgemeenschap zich sindsdien in Parijs ook toe verbonden heeft), dan moeten we daar ook dringend naar handelen. En dat zal niet lukken door verder te doen zoals we nu bezig zijn.

Er is een drastische omslag nodig. Een beetje zoals de shocktherapie die al vaak werd toegepast door Wereldbank en IMF (zoals zeer uitgebreid gedocumenteerd in De shockdoctrine), maar dan in omgekeerde richting, organisch groeiend, uitgaande van lokale gemeenschappen, dorps- en gemeentebesturen die de energieverdeling weer in eigen handen nemen, native gemeenschappen die hun jacht- en visgebieden beschermen tegen schaliegaswinners en mijnbouwers.

Klein maakt snel komaf met de goede bedoelingen van de olie-industrie, van wie het doel enkel kan zijn altijd voldoende reserves achter de hand te houden, via desnoods steeds risicovollere ontginningsmethodes. Denk aan diepzeeboringen, schaliegaswinningen en exploitatie van het noordpoolgebied. Maar Klein maakt ook de rekening op van zij die denken dat we wel een technologische oplossing zullen vinden, als dat nodig is. En zelfs de milieubewegingen zijn niet veilig. Een van de grootste Amerikaanse milieuverenigingen baatte jarenlang op eigen houtje een olieput uit. Middenin een natuurgebied, jawel.

Klein, als Canadese, richt haar pijlen vooral op dergelijke Amerikaanse toestanden. In Europa lijkt de onvoorwaardelijke overgave aan de olie-industrie, en het kapitalisme als geheel, iets minder groot. Duitsland heeft bijvoorbeeld de omslag gemaakt naar hernieuwbare energie, Frankrijk verbood als eerste land fracking, nadat het water dat uit een man zijn kraan kwam uiterst ontvlambaar bleek. Maar ook hier dreigt gevaar. Steun voor hernieuwbare energie - onontbeerlijk in de sector, en broodnodig als we verdere opwarming willen voorkomen - wordt al snel volgens allerhande handelsakkoorden als illegaal bestempeld en veroordeeld voor internationale tribunalen.

En zo komen we bij Kleins stokpaardje, en de kern van haar betoog: beterschap voor het klimaat komt er pas als ook enkele hoekstenen van het kapitalisme onderuit gaan. Zolang de overheid niet regulerend optreedt tegen vervuilende industrieën, zolang de premisse van eeuwige groei voor de olie-industrie blijft bestaan, zolang zal het klimaatprobleem niet opgelost geraken. De milieustrijd wordt zo ook een sociale strijd, een strijd voor meer gelijkheid. Om af te sluiten met Kleins eigen woorden:

Als onderdeel van het project om de emissies omlaag te krijgen naar het door veel wetenschappers aanbevolen niveau hebben we weer de kans om beleidsvormen te promoten die levens drastisch verbeteren, de kloof tussen arm en rijk dichten, grote aantallen goede banen creëren en de democratie van onderop versterken. In plaats van de ultieme uiting van de shockdoctrine, het verwoede graaien en onderdrukken, kan klimaatverandering een volksshock worden, een slag van onderen toegebracht.

No time van Naomi Klein - originele titel This Changes Everything - verscheen bij De Geus in 2014. 
606 blz, isbn 9789044533767

22 november 2015

Hendrik Groen - Pogingen iets van het leven te maken



****

Niemand weet wie Hendrik Groen is, maar wellicht is het geen 83-en-een-kwart jaar oude man. De uitgever houdt wel vol dat Hendrik een debutant is, en dus geen gevierde Nederlandse schrijver die eens vreemd wou gaan met een andere uitgever. Maar wie Hendrik Groen ook is, zijn boek is in elk geval heerlijk.

Er is veel te doen over de plannen voor een levenseindekliniek. Speciaal voor mensen met een weigerachtige huisarts. De Nederlandse Vereniging voor een Vrijwillig Levenseinde heeft het bedacht. Die vereniging heeft vast een groot ledenverloop.

Met veel humor beschrijft Hendrik zijn dagen in een verzorgingshuis in Amsterdam. Samen met enkele medestanders richt hij een rebellenclubje op. Elk om beurt zullen ze een dagje uit organiseren, liefst met een wijnproeverij achteraf. Het maakt het samenleven met klagende oudjes en een dwarse directrice wat draaglijker. De verhalen klinken soms wat overdreven (ter vergelijking: het meest opwindende wat in het rusthuis van mijn grootmoeder ooit gebeurde, was toen een negentigjarige man uit de badkamer van een minstens even oud vrouwtje kwam. Daar werd evengoed wekenlang kwaad over gesproken), maar blijven wel herkenbaar. Van vroeger was alles beter, tot kijk eens hoeveel míjn kleinkinderen nog op bezoek komen.

Gaandeweg komt de tristesse binnensluipen. De een wordt langzaam dement, een ander verliest enkele tenen. Ook voor een tachtiger is dat niet makkelijk te verwerken. In ieder geval heeft Hendrik zelf het jaareinde gehaald. Meer nog: begin 2016 verschijnt een nieuw dagboek. Hopelijk houdt de intussen vijfentachtigjarige tot dan lijf en leden in goede conditie.

Pogingen iets van het leven te maken. Het geheime dagboek van Hendrik Groen, 83 1/4 jaar verscheen bij Meulenhoff in 2014. 
328 blz, isbn 9789029089975

18 augustus 2015

P.G. Wodehouse - Jeeves, een man van eer



****

De verhalen over de oer-Britse butler Jeeves staan als wat oubollig te boek, maar laat dat je niet tegenhouden deze nieuwe vertaling van een klassieke Wodehouse te lezen. Het is namelijk jaren geleden dat een boek mij nog eens hardop aan het lachen bracht. Hoofdpersonage is Bertrand Bertie Wooster, lid van een roemrijk geslacht, en met weinig anders bezig dan met studentikoze grappen, overmatig drinken en lekker eten. Het verhaal begint wanneer tante Dahlia Bertie bij zich ontbiedt.
Hoe weinig kon ik vermoeden, terwijl ik over haar drempel stapte, dat ik vanaf dat moment in de kortste keren hopeloos verwikkeld zou raken in de meest hachelijke situaties, die de Woosterse ziel op de proef zouden stellen als nooit tevoren. Ik doel daarmee op de sinistere aangelegenheid betreffende Gussie Fink-Nottle, Madeline Bassett, de oude Pa Bassett, Stiffy Byng, de eerw. H.P. Pinker-de-Stinker, de achttiende-eeuwse zilveren roomkoe en het bruinlederen notitieboekje.
Pa Bassett blijkt te azen op de kok van tante Dahlia, en Bertie moet dat verhinderen door een zilveren roomkoe te bemachtigen. Het klinkt raar, maar er zit een zekere logica achter. Bertie moet zich toevallig toch naar het hol van de leeuw begeven, waar dochter Bassett zich eerst wel en dan weer niet wil verloven met een van Berties vrienden. Mocht die verloving afspringen, o gruwel, dan dreigt de jongedame te trouwen met Bertie zelf. En dat zou misschien nog erger zijn dan het zonder de kok van tante Dahlia te moeten stellen.

Een en ander leidt tot een lange reeks verwikkelingen rond de genoemde roomkoe en een bruinlederen notitieboekje vol achterklap. Bertie steelt de show terwijl zijn manservant Jeeves vanop de achtergrond in elke penibele situatie wel een oplossing te bieden heeft. Oubollig of niet, de humor van P.G Wodehouse is onklopbaar.

Jeeves, een man van eer van P.G. Wodehouse - oorspronkelijke titel The code of the Woosters - verscheen bij Uitgeverij IJzer in 2014, vertaald uit het Engels door Leonard Beuger.
302 blz, isbn 9789086841127

2 juni 2015

Valerio Massimo Manfredi - Mijn naam is niemand. De thuiskomst



***

Na een tien jaar lange belegering van Troje, die slechts dankzij een list ten einde is gekomen (zie deel 1 van Mijn naam is niemand), neemt Odysseus, de aanvoerder van de Griekse strijders, zich voor recht naar huis terug te varen. Helaas: de winden, Posseidon, een cycloop en nog een pak andere sirenes zijn hem niet gunstig gezind. Het duurt twintig jaar voor Odysseus weer voet aan wal zet op zijn eigen Ithaca. En ook daar wacht hem nog een strijd: de plaatselijke edelen dingen naar de hand van zijn vrouw Penelope terwijl ze zich tegoed doen aan zijn veestapel en wijnkelder.

... en de godin gaf mij inspiratie, daar ben ik zeker van: 'Je vraagt me naar mijn naam? Die zal ik je zeggen: mijn naam is Niemand. Iedereen noemt mij Niemand.'

Het verhaal komt wellicht bekend voor: het is de Odyssee van Homeros, het klassieke epos dat begint met de woorden "Bezing mij, o Muze, de vindingrijke man, die zeer veel rondzwierf, nadat hij de heilige stede van Troje verwoest had". Die letterlijke vertaling krijgen we hier niet te lezen, want de Italiaanse sterauteur/archeoloog Valerio Massimo Manfredi bewerkte de tekst tot iets dat de doorsnee moderne mens beter kan verwerken. In romanstijl dus, en niet in verzen. Tegelijk houdt hij vast aan de oorspronkelijke inhoud, compleet met smachtende beden tot beschermgodin Athene, diepe gewetenscrisissen en een tochtje tot net voorbij de poorten van de Hades. Het wapengekletter is dan weer minder prominent aanwezig dan in het eerste deel, De eed van Odysseus. Als kers op de taart breit Manfredi er nog een extra episode aan vast: Homeros voorspelde nog een tweede odyssee, deze keer over land. Maar dat gedicht is nooit teruggevonden. Het heeft Manfredi niet kunnen tegenhouden.

Je moet wat moeite doen om al die lange uitweidingen en uitgebreide omschrijvingen uit te zitten, maar dit is onmiskenbaar zowat de grootste klassieker uit de Westerse geschiedenis. En hé, gelijk welke opoffering is niets in vergelijking met wat Odysseus heeft moeten doorstaan.  

Mijn naam is niemand. De thuiskomst van Valerio Massimo Manfredi - oorspronkelijke titel Il mio nome è Nessuno. Il ritorno - verscheen bij Athenaeum-Polak & Van Gennep in 2014, vertaald uit het Italiaans door Jan van Geldrop.
376 blz, isbn 9789025304638

23 april 2015

Arne Dahl - Woede



'De moordenaar wilde er echt zeker van zijn dat Vacek dood was', zei Donatella Bruno. 'Een mes in zijn hart en een enorme injectie in zijn schouder. Kijk maar naar het wondoppervlak, die injectiespuit heeft een flinke afmeting. Het is natuurlijk niet te zeggen voor de forensisch experts en de patholoog-anatoom hun werk gedaan hebben, maar de moordenaar moet wel línkshandig geweest zijn om gelijktijdig het mes in zijn hart en de injectiespuit in Vaceks schouder te steken.'

****

Trek je niet te veel aan van het vreemde apocalyptisch aandoende begin: Arne Dahl verliest zich wel vaker in dat soort cryptische spelletjes, en ook deze keer wordt alles later duidelijk. Ook de breed meanderende verhaallijnen van Dahl zijn intussen bekend. Achter elke zaak die wordt opgelost, achter elke Duitse toerist, achter elke doodgestoken zatlap, zit er nóg een zaak, nóg een seriemoordenaar, nóg een slachtoffer. Het Opcopteam - een geheim Europees equivalent van de FBI - detecteert intuïtief maar feilloos waar het wringt en vindt verbazend gemakkelijk haar weg in zowel De graaf van Monte-Cristo, de geschiedenis van het communisme als de genetica. Arne Dahl is dé thrillerauteur voor de meerwaardezoeker: grappig, relevant, uitdagend, en nog spannend ook.

Woede van Arne Dahl - oorspronkelijke titel Hela havet stormar - verscheen bij De Geus in 2014, vertaald uit het Zweeds door Marika Otte.
504 blz, isbn 9789044524291

21 maart 2015

Bavo Dhooge - De schuld



Doorgaans werd naar Karl-Franz Passendorfer opgekeken omdat hij als gemeenteraadslid problemen oploste of tenminste door allerlei hoorzittingen en commissies zaken aan de kaak stelde, niet omdat hij problemen creëerde.

***

Senator Karl-Franz Passendorfer heeft een probleem: opeens wordt hij overal van beschuldigd. Van het haar in het afvoerputje van het bad tot de moord op Kennedy. Hij probeert alles te weerleggen, tot er honderden beschuldigingen per dag toestromen. Misschien is hij wel, op een of andere manier, écht schuldig?

Vandaag de dag is het niet moeilijk schuldig bevonden te worden. We leven in een wereld waarin iedereen altijd weer een standpunt moet innemen. Het bestaat niet meer dat je ergens géén mening over hebt. Als een moslim een aanslag pleegt, verwachten we bovendien dat élke moslim zich daar luid en duidelijk van distantieert. Nog één geluk: de algemene verontwaardiging gaat rap over naar een ander slachtoffer wanneer de volgende crisis de kranten haalt. Bavo Dhooge trekt die lijn door tot in het absurde. Het resultaat is vermakelijk en verrassend.

De schuld van Bavo Dhooge verscheen bij Houtekiet in 2014.
195 blz, isbn 9789089243096

13 maart 2015

Mario Desiati - De bloemen van Mimì Orlando



Haar naam had een ambivalente waarde, voor sommigen was ze de excentriekeling die haar leven nooit op orde had kunnen brengen en nu de storm oogstte die ze verdiende; voor anderen was Mimì synoniem voor vrijheid, een magische naam die men in elke provinciestad op de wereld associeert met een kans: wonen waar je geboren bent, intensief leven en altijd jezelf blijven.

***

Op 8 augustus 1956 kwamen 136 Italiaanse migranten om in de steenkoolmijn van Marcinelle, tegenover 'slechts' 95 Belgen. De Italiaanse regering eiste meteen maatregelen voor de veiligheid van haar onderdanen. Veel stiller bleef het rond de dood van bijna tweeduizend gastarbeiders uit de Zuid-Italiaanse regio Apulië - de hak van de laars -, die tussen 1960 en 1980 een job vonden in de Zwitserse asbestcementfabriek van Niederurnen. In tegenstelling tot de felle brand in de kolenmijn bleek asbest slechts een sluipend gif.

Journalist Mario Desiati verplaatst voor het gemak de asbestfabriek naar Zürich, en laat er een jong meisje, Mimì, dochter van een gastarbeider, het leven en de liefde ontdekken. Dat leidt tot een zwangerschap en, jaren later, een jonge vrouw die nooit haar vader ontmoette. De bloemen van Mimì Orlando speelt zich grotendeels af langs de rotsachtige kusten van Zuid-Italië. Na haar Zwitserse avonturen gaat Mimì haar eigen weg, ook al herinnert dochter Arianna haar aan haar eigen jeugd.

De setting is mooi, de geschiedenis is tragisch, maar toch blijft het verhaal te veel beperkt tot het klassieke liefdesthema: de vrijgevochten vrouw die denkt zonder man te kunnen, maar haar dochters vader niet kan vergeten. De trieste geschiedenis van kwetsbare arbeiders in een vreemd land verdwijnt naar de achtergrond terwijl Mimì en haar dochter worstelen met de mannen in hun leven.

De bloemen van Mimì Orlando van Mario Desiati - oorspronkelijke titel Ternitti - verscheen bij Cossee in 2014, vertaald uit het Italiaans door Liesbeth Dillo.
250 blz, isbn 9789059364493

7 maart 2015

Dror Mishani - De verdenking



Avraham probeerde zich een voorstelling te maken van het gesprek tussen de oudere man met zijn houterige, naar binnen gekeerde manier van praten, en Chava Cohen. Ook toen hij haar ondervroeg had ze haar stem tegen hem verheven en had hij zich aangevallen gevoeld. En ze had voortdurend gelogen. Ze had gelogen over het dreigtelefoontje en over conflicten waarbij ze betrokken was.

****

Efsjaroet sjel alimoet, zo luidt de originele titel van De verdenking van Dror Mishani. Het is eens wat anders dan al die å's, ø's en ð's, al is de Scandinavische sfeer, piekerende rechercheur incluis, niet ver weg. De verdenking is de tweede zaak van Avraham Avraham, de inspecteur uit Tel Aviv die ook al de zaak van De verdwenen zoon tot een goed einde bracht. Toen had hij daar wel wat tijd voor nodig, want hij luisterde niet al te aandachtig naar de moeder van de verdwenen jongen. Het schuldgevoel daarover speelt hem nog steeds parten wanneer bij een crèche een valse bomkoffer wordt gevonden. Vastberaden zich niet weer te laten doen, focust Avraham op een dispuut tussen de crèchehoudster en enkele ouders. Een van hen, een oudere man, wekt de argwaan van Avraham. De man blijkt inderdaad niet helemaal onschuldig.

Mishani is psychologisch sterk. Dat blijkt niet alleen uit de evolutie die Avraham doormaakt, maar ook uit het verhaal van de zwijgzame vader die wanhopig probeert door te dringen tot zijn kinderen nu hun moeder volledig uit beeld is verdwenen. Het minste wat je kan zeggen is dat niet alleen in Scandinavië tobbende inspecteurs rondlopen.

De verdenking van Dror Mishani - oorspronkelijke titel Efsjaroet sjel alimoet - verscheen bij De Bezige Bij Antwerpen in 2014, vertaald uit het Hebreeuws door Ruben Verhasselt.
335 blz, isbn 9789085423782

19 februari 2015

Giuseppe Catozzella - De geur van vrijheid



De Tocht is iets wat we allemaal al vanaf onze geboorte in ons hoofd hebben. Iedereen heeft vrienden en familieleden die de Tocht hebben gemaakt. Het is als een mythologisch wezen dat net zo gemakkelijk de redding kan brengen als de dood. Niemand weet hoelang de Tocht zal gaan duren. Als je geluk hebt twee maanden. Als je pech hebt ook gerust een jaar, of twee.

****

Terwijl ik dit schrijf, zie ik op tv beelden uit Lampedusa, het Italiaanse eiland dat het dichtst bij de Libische kust ligt. Sinds jaren proberen Afrikaanse vluchtelingen met gammele boten het beloofde land te bereiken. Deze keer met twee- tot driehonderd doden tot gevolg. De beelden tonen aan hoe actueel De geur van vrijheid is. Het boek geeft een gezicht aan al die duizenden slachtoffers van mensensmokkelaars.

Het is een waargebeurd verhaal dat Giuseppe Catozzella vertelt, over Samia, een Somalische loopster die aantrad op de Olympische Spelen van Peking in 2008. Haar grootste droom was Londen 2012 te halen, maar dan beter voorbereid. Kunnen trainen met loopschoenen die ze niet van haar zus erfde, op een piste die niet vol putten zit zoals die van Mogadishu, zonder Al-Shabaab-militie die op elk moment kan opduiken om te controleren of ze haar boerka wel draagt. Gedreven door haar droom waagt Samia zich aan de Tocht naar Europa. Aan het einde wacht haar evenwel geen applaus, maar de verdrinkingsdood.

Giuseppe Catozzella was genomineerd voor de Premio Strega met dit boek, maar won enkel de prijs van de jeugd, die voor het eerst werd uitgereikt. Dat hoeft niet te verwonderen: zeker het begin lijkt met de iets gedramatiseerde verhaallijn en de eenvoudige schrijfstijl expliciet gericht op het jongere publiek. Maar gaandeweg wordt het beeld zo schrijnend, dat het toch iets te confronterend kan zijn voor jonge lezers. Je zou het cynisch kunnen noemen dat er een (ietwat) bekende mens nodig is om de tragedie onder de aandacht te brengen. Maar eigenlijk is de gedachte dat zelfs een succesvolle Olympisch atlete geen uitweg meer ziet op het eigen continent, nog vele malen angstwekkender.

De geur van vrijheid van Giuseppe Catozzella - oorspronkelijke titel Non dirmi che hai paura - verscheen bij De Geus in 2014, vertaald uit het Italiaans door Manon Smits.
286 blz, isbn 9789044533002

11 januari 2015

Alessandro Baricco - Een bepaald idee van de wereld



Het geheel is afgewerkt met retorische versierselen, kitscherige passages en schitterende fragmenten in een keiharde maar transparante schrijfstijl: diamanten. Het zal u duidelijk zijn dat het eindresultaat een manier van schrijven is waarvoor geen naam bestaat. En dat zal u vast intrigeren, want waar je een onnavolgbare stem zonder uitleg hebt, daar heb je meestal die tijdelijke stilzetting van de wereld die we voor het gemak literatuur noemen.
(Over De huid van Curzio Malaparte)

****

Alessandro Baricco, gekend van o.a. De barbaren en Mr. Gwyn, schreef elke week een stukje in de krant over de meest memorabele boeken die hij de laatste tien jaar las. Die stukjes werden gebundeld in Een bepaald idee van de wereld. Want al die gedenkwaardige boeken moeten wel iets zeggen over hoe je naar de wereld kijkt. De keuze van Baricco is zeer verscheiden, zowel in genres als in onderwerpen. Een pak romans, maar ook een biografie van Andre Agassi én een turf van 541 pagina's over de Peloponnesische oorlog.

Baricco vertelt heel mooi en vol enthousiasme over boeken en hun schrijvers. Herkenbaar ook, wanneer het over enkele van mijn eigen favorieten gaat. Baricco is geen fan van Ian McEwan. Ik wel, maar ik kan me uitstekend vinden in zijn opmerkingen. 'Er hangt altijd zo'n sfeer als in een artsenspreekkamer: heel netjes, overdreven schoon.' En: 'Het is niet zozeer vertellen wat hij doet, als wel getallen in kolommen zetten, vermenigvuldigen en delen, en daarin is hij duizelingwekkend nauwgezet.' En toch voegt hij het zeer mooie Aan Chesil Beach toe aan zijn lijstje want 'in dit boek is dat bepaald stukje van de wereld, ontleed, berekend, in kolommen gezet en gevolgd tot vier getallen achter de komma'.

Nog een voorbeeldje: Baricco loopt niet warm voor detectives en heeft een hekel aan thrillers. '(...) ik vind het gewoon een fysiek onprettige ervaring wanneer ik een boek niet kan wegleggen omdat ik wil weten hoe het afloopt. (...) Over het algemeen denk ik dat de reden waarom je doorleest, bij boeken, niet zou moeten zijn dat je ergens wilt komen, maar juist dat je op die plek wilt blijven. (...) Ik koester alleen een bepaalde dankbaarheid jegens die thrillers die onderweg verdwalen.' Dat laatste moet wel de mooiste zin zijn die ik ooit las ter introductie van commissaris Adamsberg. Wie wel eens een boek van Fred Vargas gelezen heeft, weet meteen wat hij bedoelt.

Natuurlijk staan er ook dingen in die me niet direct aanspreken. Veel van de romans die hij bespreekt zijn het soort boeken waarin niet bijster veel gebeurt. Maar enkele titels zijn toch ook al op de te-lezen-lijst geraakt. Meer nog: over een fascinerende Javier Cercas lees je hier binnenkort al meer.

Een bepaald idee van de wereld van Alessandro Baricco - oorspronkelijke titel Una certa idea di mondo - verscheen bij De Bezige Bij in 2014, vertaald uit het Italiaans door Manon Smits.
238 blz, isbn 9789023486633

4 januari 2015

Jens Lapidus - Viproom



Teddy voelde de ademhaling in zijn hals, en met serieuzere stem zei Dejan: 'Welkom buiten, man.'
Ze keken elkaar aan. Dejans ogen stonden duister, vragend, maar tegelijkertijd half dichtgeknepen.
Toen kwam de paardenraceglimlach tevoorschijn. 'Je ziet er goddomme goed uit.'
'Jij ook,' loog Teddy.

***

Teddy is een crimineel, net vrijgelaten uit de gevangenis en vastberaden voortaan op het rechte pad te blijven. Emelie is een assistent-juriste, druk bezig carrière te maken in het advocatenkantoor waar ze zich bezighoudt met zakenrecht. Het is haar baas Magnus die Emelie en Teddy samenbrengt in voor het kantoor atypische zaak: de kidnappers opsporen van Philip, op vraag van diens schatrijke ouders. Achter de statige gevels hartje Stockholm zitten heel wat ranzige geheimen verborgen, zo blijkt al snel.

De kracht van Lapidus' Stockholm-trilogie (Snel geld, Bloedlink, Val dood) zat 'm in de gebalde taal en de mix van witteboordencriminaliteit enerzijdes en het pure geweld van de Zweeds-allochtone maffiabendes anderzijds. Die mix is er nog altijd een beetje in zijn nieuwe thriller, de telegramstijl helaas niet meer. Dat brengt Viproom in het vaarwater van andere Zweedse hard-boiled thrillers. Er zit wel degelijk vaart in (al duurt het wel even voor het zover is), en de opbouw rond vooral Teddy en zijn familie is sterk, maar Viproom mist toch wat van het rauwe waar de Stockholm-trilogie zo sterk in was.

Viproom van Jens Lapidus - oorspronkelijke titel VIP-rummet - verscheen bij AW Bruna in 2014, vertaald uit het Zweeds door Steven Schneijderberg.
448 blz, isbn 9789400505162

29 december 2014

Simon Winder - Germania



Ergens in het noordwesten van Duitsland verscholen ligt het voormalige vorstendom Schaumburg-Lippe, een deelstaatje met nog geen 50.000 inwoners. Dankzij een combinatie van handigheid en geluk overleefde het vorstendom de revolutie van 1918 en de vorstelijke familie woont tot op de dag van vandaag in haar slot in het mooie maar kleine stadje Bückeburg.
****

De leukste reiservaringen zijn altijd de onverwachte ontdekkingen. Op reis in Noord-Beieren bezoek je uiteraard Bamberg en Nürnberg. Dat moet zo, want het staat in de reisgids. De volgende dag volgt het even onmisbaar geachte Rothenburg ob der Tauber, dat gemaakt lijkt om bussen veelal oudere toeristen te ontvangen (wij noemen het het Monschau van Beieren). Onderweg daarnaartoe een klein stadje: Ansbach, goed voor een alinea of twee in de reisgids. Toch maar even stoppen, want wat moet je anders de rest van de dag?


De Markgräfliche Residenz van Ansbach is een ster waard, zo las ik, met een pronkzaal, een galerie en een kachelzaal. Bezichtigen is helaas alleen in groep mogelijk. En verder: "in de hoftuin ligt een fraaie oranjerie". Die zeven woorden bleken uiteindelijk meer waard dan drie pagina's Rothenburg. De hoftuin is een gigantisch park, met promenades omzoomd met eeuwenoude lindes. Je ziet zo de markgraaf van eeuwen geleden op zondagochtend een wandelingetje maken met zijn vrouw. Of wie weet, grapten we, greep hij zijn maîtresse onder de rokken nabij de romantische kiosk. Dat laatste blijkt niet eens zo vergezocht, want wat lees ik nog geen half jaar later in Germania van Simon Winder? "Ansbach zelf, een streek ten zuidwesten van Neurenberg, bestond destijds uit een paar snippertjes land, die soms letterlijk uit één akker bestonden. In 1791 werd het staatje met bevolking en al domweg aan Pruisen verkocht door de laatste markgraaf, die het geld in zijn zak stak, met zijn maîtresse trouwde en ervandoor ging naar het Britse Newbury."

Het is dat soort details, met een aangename zin voor humor verteld, dat van Germania een leuk boek maakt. Niet alleen omdat het zo herkenbaar is als je er al eens bent geweest, maar ook omdat je jezelf in je verbeelding een passage ziet voorlezen naast een afzichtelijk monument in een of ander oud plaatsje. Bückeburg, hoofdstad van het voormalige vorstendom Schaumburg-Lippe, een zakdoek groot, staat alvast op mijn te-bezoeken-lijstje.

Maar los van de anekdotes is Germania ook het verbazingwekkende verhaal van de Duitse eenwording. Nauwelijks meer dan een eeuw geleden was het land een lappendeken van piepkleine en grotere vorstendommen, met een hertog of bisschop aan het hoofd. Die had ondertussen wel gehoorzaamheid gezworen aan de keizer, maar behield toch in zekere mate zijn heerschappij. Tot op het moment dat de Pruisische overmacht Europa voor een eerste keer aan de afgrond bracht, zouden de vorsten althans in naam blijven heersen. Met de feitelijke eenwording van 1918 en het aftreden van de keizer eindigt het verhaal van Germania. Winder is zo wijs geweest de wonderlijke geschiedenis van Duitsland niet te besmetten met de gruwel van na 1933.

Germania van Simon Winder - oorspronkelijke titel Germania - verscheen bij Het Spectrum in 2014, vertaald uit het Engels door Margreet de Boer en Ronald Kuil.
464 blz, isbn 9789000334933

22 december 2014

Joseph O'Neill - De hond



Ik denk graag dat ik nieuwsgierig probeer te zijn naar anderen zoals ik zou willen dat die anderen nieuwsgierig zijn naar mij, namelijk op een manier die niet veel afwijkt van de oorspronkelijke betekenis van nieuwsgierigheid: zich bekommeren. Ik probeer geen bemoeial te zijn.

***

Een boek over een schlemiel gaat er altijd wel in, zeker als het nog om te lachen is ook. Het hoofdpersonage in De hond - zijn naam komen we niet te weten - verhuist van New York naar Dubai om er de belangen te behartigen van de schatrijke familie Batros, en ook wel om zijn ex te ontlopen. Het komt erop neer dat hij handtekeningen zet wanneer hem dat gevraagd wordt, mails bedenkt die hij vervolgens niet verstuurt, en ondertussen nog tijd over heeft voor een zoektocht naar een andere inwijkeling, de spoorloos verdwenen Ted Wilson.

X. meent dat hij zich voldoende indekt tegen mogelijke misstappen van de Batrossen door middels een stempel naast zijn handtekening alle verantwoordelijkheid af te wijzen. Het staat in de sterren geschreven dat de familie Batros noch de Verenigde Arabische autoriteiten zich daar veel van aantrekken. Veel spanning zit er dus niet in. Wel krijg je een overvloed aan lange, maar wel grappige, redeneringen en opsommingen. Het duurt bijvoorbeeld twee bladzijden en tien paragrafen, inclusief subparagrafen, alvorens hij tot de conclusie komt dat hij zijn schuldgevoel over de slechte behandeling van immigranten in de Emiraten kan afkopen door een maandelijkse donatie aan Human Rights Watch.

Hulde aan Joseph O'Neill voor de tragikomische avonturen van de schlemiel uit Dubai, de inventiviteit en de uitstekende stijl. Beter doen dan zijn vorige roman Laagland is moeilijk, maar De hond komt toch aardig in de buurt.

De hond van Joseph O'Neill - oorspronkelijke titel The Dog - verscheen bij De Bezige Bij in 2014, vertaald uit het Engels door Ton Heuvelmans.
300 blz, isbn 9789023487098

21 december 2014

Iginio Ugo Tarchetti - Fosca



Ik was blij dat ik de vlam van mijn liefde in mijn hart kon koesteren en kon voeden met haar eigen vuur; ik was blij dat geen enkele van de gevoelens die werden opgewekt door Clara's niet-aflatende aanwezigheid in mijn gedachten aan kracht zou kunnen inboeten of verloren zou kunnen gaan.

***

Uitgeverij Athenaeum gunt de klassiekers uit de wereldliteratuur graag een nieuw leven. Meestal zijn het de gekende meesterwerken, maar af en toe zit er ook een vergeten roman tussen, zoals Fosca van legerofficier Iginio Tarchetti - reeds in 1869 op dertigjarige leeftijd overleden aan buiktyfus. Fosca is een van die boeken waarin een korte toelichting geen overbodige luxe is. Vertalers Yond Boeke en Patty Krone kwijten zich uitstekend van die taak. Zo kan je de driehoeksrelatie tussen officier Giorgio, zijn geliefde Clara en de ziekelijke Fosca toch een beetje plaatsen.

Het boek, samen met andere in de Scapigliatura-stroming, vormde een breuk met de christelijke, deugdzame romans van de negentiende eeuw. De overspelige relatie van de mooie Clara met Giorgio zal inderdaad in de goegemeente niet goed gevallen zijn, als er al over gesproken werd. Ook de doodzieke, vel-over-been-magere en afstotelijke Fosca schrikt niet terug voor een "affaire" met diezelfde Giorgio, zonder veel acht te slaan op haar neef, die verondersteld wordt haar eer te bewaken. Dat gaat gepaard met heel wat hartstochtelijke brieven, gekmakende wanhoop en een zo overweldigende liefde dat de arme vrouw ervan flauwvalt.

De zeden van de tijd doen de wenkbrauwen geamuseerd optrekken tijdens het lezen van Fosca. Zichzelf lichamelijk ziek maken door simpelweg lief te hebben, het is niet meer van deze tijd. Met net geen 225 pagina's biedt Fosca een wonderlijke blik op de geschiedenis, maar nóg meer pathetische hartenkreten zouden wellicht wat te veel van het goede zijn.

Fosca van Iginio Ugo Tarchetti - oorspronkelijke titel Fosca - verscheen bij Athenaeum-Polak & Van Gennep in 2014, vertaald uit het Italiaans door Yond Boeke en Patty Krone.
231 blz, isbn 9789025304102

20 december 2014

Georges Simenon - De Premier



Men heeft het over de belangen van de leiders, over hun trots of hun machtswellust. Wat men uit het oog verliest of weigert te begrijpen, is dat vanaf een bepaald stadium, vanaf een zekere mate van succes, een staatsman zichzelf niet meer is, maar een gevangene wordt van de algemene zaak. (...) Of laat ik het zo stellen: er bestaat een moment, een tree op de ladder, waarop de belangen en de persoonlijke ambities van een man en die van een land samenvallen.

*****

Vijfentwintig jaar geleden overleed Georges Simenon, de tiende grootste Belg aller tijden volgens Franstaligen, en toch ook nog zevenenzeventigste in Vlaanderen. Commissaris Maigret, met zijn eeuwige pijp, zal wel hét wapenfeit blijven van Simenon, maar hij schreef ook een pak psychologische romans. Een daarvan is De Premier, een nieuwe vertaling van Le Président, onlangs verschenen bij De Bezige Bij Antwerpen.

Misschien moet ik eerst mijn liefde voor politiek drama bekennen. Ik las en bekeek ooit de originele, Britse versie van House of Cards, enkele decennia voor er sprake was van Netflix. Of neem het Deense Borgen: heerlijke tv. De psychologische spanning tussen de hoofdrolspelers, het botsen van karakters, krijgt nog een extra dimensie door de politieke ideologie, die maar al te vaak naar de achtergrond verdwijnt naarmate de man of vrouw hoger opklimt. Macht corrumpeert, zegt men. Of zoals de Premier het iets cryptischer verwoordt: de belangen van het individu gaan samenvallen met die van het land.

De Premier uit het boek is allang uit het centrum van de macht verdwenen. Hij is de tachtig voorbij, heeft pas nog een beroerte gehad, en leeft teruggetrokken in zijn huis in Normandië. Toch staan journalisten aan zijn deur te wachten tot hij zijn memoires aankondigt, en geniet hij van de macht die hij nog denkt te bezitten. Het is 1958 en Frankrijk worstelt zich doorheen een financiële en politieke crisis. De oud-kabinetschef van de Premier wordt gevraagd een nieuwe regering te vormen. De Premier, die over potentieel gevaarlijke informatie beschikt over zijn toekomstige opvolger, wacht op een telefoontje uit Parijs.

De Premier is sterk neergezet als een politicus, oud-premier, ontelbare keren minister, die de macht niet achter zich kan laten. Nog steeds blaft hij zijn personeel af, speelt hij spelletjes met wie hem komt bezoeken, verkneukelt hij zich over het een na een overlijden van de grote vijf politici die het wereldtoneel in zijn tijd domineerden. Maar ondertussen blijkt dat zijn macht nog sneller is achteruitgegaan dan de lichamelijke aftakeling. Wanneer je romans van dit kaliber leest, vraag je je af waarom Simenon niet verder kwam dan een zevenenzeventigste plaats onder de Grote Belgen.

De Premier van Georges Simenon - oorspronkelijke titel Le Président - verscheen bij De Bezige Bij Antwerpen in 2014, vertaald uit het Frans door Kris Lauwerys.
203 blz, isbn 9789085425922

7 december 2014

Marco Lodoli - Wolk



Wolk de goochelaar leefde ook daadwerkelijk op een wolk. Waarom ben je geen communist, papa, net als ik, waarom voel jij niet ook het leed van de onderdrukten, van de uitgebuitenen, en walging voor mensen die altijd aan het langste eind trekken? Waarom laat je mij alleen tegen de hele wereld?

***

Maria Salviati is 72 en tracht vast te houden aan haar herinneringen. 'Herhalen, ik moet mijn leven herhalen met de woorden die me resten (...) want ik voel dat ik elke dag een strofe, een vers kwijtraak.' Een makelaar die haar huis wil verkopen, moedigt haar aan haar verhalen te delen, gezeten op een bankje in de zon, af en toe onderbroken door mogelijke kopers die de lange stoffige weg naar de villa komen opgereden. En zo komt langzaamaan Maria's opmerkelijke geschiedenis nog een laatste keer tot leven. Haar huwelijk met een goochelaar, Wolk, die telkens weer vlucht voor de verantwoordelijkheid, maar die zij daarvoor niet wil veroordelen. Het huwelijk schenkt hen een zoon, die opeens communist wordt en strijd levert met fascisten. Maria tracht ook dan al haar leven samen te houden. Wolk is een nostalgisch boek, met een onverwacht einde, over het leven van een gewone vrouw, wellicht voor het laatst verteld.

Wolk van Marco Lodoli - oorspronkelijke titel Vapore - verscheen bij Serena Libri in 2014, vertaald uit het Italiaans door Patty Krone & Yond Boeke.
154 blz, isbn 9789076270821

15 november 2014

Giorgio Scerbanenco - Moord op school



Hij had nooit goed begrepen waarom Duca - en ook Duca's vader - zo hechtten aan recht, aan rechtvaardigheid, waarom ze het leven, dat toch al zo moeilijk was, nog moeilijker wilden maken door dat gedoe over recht en rechtvaardigheid.

****

I ragazzi del massacro, zo luidt de originele titel van de nieuwste thriller van uitgeverij Serena Libri. Geef toe, dat klinkt een stuk spannender dan Moord op school. Een massacro is het zonder twijfel, de brute afslachting in het klaslokaal in Milaan waar juffrouw Matilde Crescenzaghi enkele tieners op het rechte pad tracht te houden. Jongens van dertien tot twintig jaar zijn het, "waarvan het grootste deel in opvoedingsgestichten had gezeten, een alcoholverslaafde vader had of een moeder die zich prostitueerde, en waarvan verscheidene leerlingen tbc of syfilis hadden."

Jawel, er is nog sprake van tbc: het boek werd in 1968 geschreven door de in Oekraïne geboren Vladimir Scerbanenko, die met zijn ouders naar Italië emigreerde en zijn naam veranderde in Giorgio Scerbanenco. Tot aan zijn overlijden in 1969 schreef hij verschillende romans en thrillers; die laatste vaak rond inspecteur Duca Lamberti, een voormalige arts die niet al te zachtzinnig optreedt tegen de vermeende moordenaars, en die het ook niet zo begrepen heeft op vrouwen of homoseksuelen. De eersten zijn gewoonlijk hysterisch en theatraal, homoseksuelen zijn simpelweg fout. Het zullen wel de zeden van de tijd zijn, want verder doet Moord op school verrassend modern aan. Vandaar waarschijnlijk dat Scerbanenco als de vader van de Italiaanse misdaadroman wordt beschouwd.

Het lokaal waar juffrouw Matilde is afgeslacht, wordt tot in detail beschreven. Alles wat in het onderzoek van belang kan zijn is omcirkeld met witte verf en op een plattegrond aangeduid. Een beetje zoals je dat ook in moderne tv-series ziet gebeuren, alleen dat het niet geeft als er hier en daar wat DNA vernietigd wordt. Lamberti, ondanks zijn occasionele harde aanpak, gebruikt vaak psychologische trucjes om zijn doel te bereiken.  Hij tracht te begrijpen wat een groep scholieren tot zo een gruwel kan drijven. Zijn baas gaat zich zelfs afvragen wat het ertoe doet, als het wel duidelijk is dat niemand anders de juffrouw kan hebben vermoord. Een zeer interessante Duca Lamberti dus, in een verrassende flashback naar de sixties.

Moord op school van Giorgio Scerbanenco - oorspronkelijke titel I ragazzi del massacro - verscheen bij Serena Libri in 2014, vertaald uit het Italiaans door Els van der Pluijm.
262 blz, isbn 9789076270814

26 oktober 2014

Tim Parks - De kunst van het moorden



Morris zou te laat arriveren op de ceremonie. Dat hoorde zo voor een man van zijn statuur. Het was per slot van rekening ter ere van hem. Maar hij moest ook weer niet zó laat komen dat het op een gebrek aan respect kon lijken, want gebrek aan respect tegenover mensen die jou willen eren, doet afbreuk aan de erkenning.

***

De Brit Tim Parks woont al meer dan dertig jaar in Italië. De vele ervaringen die hij sindsdien opdeed, deelt hij graag in de vele boeken die hij tot nu toe schreef, zowel fictie als non-fictie. Italië op het spoor bijvoorbeeld, is een amusant boek over de chaos in Italiaanse treinen en treinstations. Eerder verschenen bij De Arbeiderspers enkele moordverhalen rond Morris Duckworth, niet toevallig een Engelse inwijkeling in Verona. Dat Morris een voorgeschiedenis heeft, schept vooral in de eerste hoofdstukken wat verwarring in Parks nieuwe roman, De kunst van het moorden.

Morris Duckworth, naar eigen zeggen een seriemoordenaar (hij voert zelfs conversaties met zijn slachtoffers), is net ereburger geworden van Verona. Hij besluit een tentoonstelling te organiseren rond een thema dat hem wel ligt: de gewelddadige dood. Hij wil zelfs enkele van zijn eigen, al dan niet vervalste schilderijen ter beschikking stellen. Helaas genereert dat voornemen nogal wat aandacht voor hemzelf, zijn familie en zijn Libische maîtresse. Zelfs in die mate dat hij dreigt ontmaskerd te worden als seriemoordenaar.

Jammer van die losse draadjes door Morris' voorgeschiedenis, want verder is De kunst van het moorden een amusant boek, dat op het einde nog spannend wordt ook. Parks laat alle kleine kantjes van de Italianen nog eens de revue passeren (met uiteraard een rol voor de katholieke Kerk). Maar eerlijk is eerlijk: ook de licht pompeuze Brit Morris Duckworth heeft het niet echt makkelijk.


De kunst van het moorden van Tim Parks - oorspronkelijke titel Painting Death - verscheen bij De Arbeiderspers in 2014, vertaald uit het Engels door C.M.L. Kisling. Voor wie graag de volgorde respecteert: de vorige romans rond Duckworth zijn Nieuwe kleren voor Massimina en De geest van Massimina. 
350 blz, isbn 9789029589352